º Verslag van verkennerswerk voor woningcorporatie en welzijnsorganisatie in een Vogelaarswijk.


Gedurende drie maanden in het najaar van 2008 trok ik wekelijks de Rivierenwijk in; een Vogelaarswijk in renovatie. 
Ik rapporteerde elke week volgens vaste kopjes en zo ontstond een soort logboek. Aan het einde moesten we tijdens een presentatie een slotverklaring voorlezen. Het werd bijna een soort liefdesverklaring want deze bijzondere tochten hadden me veel gebracht.

De liefde vergaat nimmer meer (een eerste voorzichtige verkenning)

In 1971 streek ik als kersverse bruid van 21 neer in een flatje in de Rivierenwijk. Toen al geen best bekend staande wijk, maar wij waren er, als nieuwe Deventenaren, hartstikke blij mee. We verkenden de wijk en zijn omgeving, deden boodschappen op het plein en namen de bus naar de stad als we iets nodig hadden wat daar niet was te krijgen. We belden in de telefooncel naar ouders en familie en samen met veel jonge collega’s DSC06890die op andere flats in de buurt woonden hadden we het er prima naar onze zin. Drie jaar later vertrokken we voor het grote avontuur van een eerste eigen huisje. De Rivierenwijk heb ik daarna nog maar weinig gezien. Veel te druk met andere zaken, en wanneer kom
je nou in een andere wijk als je er niet echt iets te zoeken hebt. Ik heb er wel veel over gelezen en gezien de laatste jaren sinds het een zogenaamde Vogelaarsbuurt is geworden.
Tijd voor een hernieuwde kennismaking voor ik aan het echte verkennerswerk begin. Zaterdagmorgen, 6 september, ik fiets de wijk in. Maasstraat, ik schrik van het verval. De afbraak en sloop zijn al begonnen. Het lijkt alsof de wijk zichzelf aan het opeten is. Op de enorme hopen vermalen puin spelen kinderen, de open plekken liggen er wat ontzield bij. Ik zie verwoede pogingen van bewoners er nog iets van te maken. Er wordt veel aan de buitenwereld getoond, alsof daarmee de identiteit van de bewoner wordt bevestigd en waarschijnlijk is dat ook zo. Leeuwen van steen, afbeeldingen als poëzieplaatjes op de muur, zelfs een Mona Liza als kralengordijn. Gelukkig, er zijn ook bloembakken, soms aan verveloze gevels, maar dapper volgehouden ze te verzorgen en te begieten.
Scheldestraat, Eemstraat, weinig mensen op straat. Bijna een botsing met een grote terreinwagen. Ik sta ook wat onhandig op een hoek omdat ik een foto wil maken. De bestuurder grijnst breed en ik lach terug. Het zou mooi zijn als ik een zwaaiende arm met tatoe kon opnemen in mijn verhaal, maar die is er niet. Ik realiseer me helder dat ik met veel vooringenomen ideeën mijn oude wijk betreed. Op het Deltaplein is de super vervangen door een Turkse groenteman. Ik zit op het bankje en kijk. Eerst naar de bebouwing om me heen. Er is een nieuw gebouw achter het plein zichtbaar. Het doet wat vreemd aan in deze verwaarloosde omgeving. Iemand heeft de lantaarnpalen vrolijk geverfd. Ik denk dat het een jeugdprojectje is geweest, lekker een zaterdag verven, of zou het door de woningcorporatie zijn gedaan? Er lopen mensen langs me heen met plastic tassen vol groente en andere zaken. De Lidl is dichtbij en daar is het druk. Er is weinig oogcontact. Niet met mij en ook niet met anderen. Ieder doet snel zijn ding en verlaat het plein met spoed. Een kind heeft het wippaard bij de drogist annex apotheek beklautert en roept haar vader. Er zal wel geld in het apparaat gegooid moeten worden. Ik hoor vader door de opeDSC06076n deur praten met de caissière. Een eindje verderop wordt een winkelwagentje volgeladen met 6 reusachtige grote watermeloenen. Ze worden uitvoerig beklopt en besproken door een jong stel. Sowieso zie ik veel jonge mensen. Weinig ouderen en weinig autochtonen; één man in een scootmobiel.
Ik fiets verder. Neerstraat, Amerstraat, veel tv-schotels aan balkons en bordjes “te koop”. Iemand staat mobiel te bellen, over de balkons hangen behalve veel wasjes, ook mensen uit te kijken over de straat. Ze praten niet met elkaar. Deltalaan, mijn oude flat staat er nog. Er zijn nieuwe balkonhekken, die de flat een fleurige uitstraling geven. “De liefde vergeet nimmermeer”, staat met grote letters geplakt op de ramen van mijn oude flat; ik krijg het er warm van. Geloof het of niet maar laat dat nou onze trouwtekst van weleer zijn! ………….

Belevenissen 1 oktober

Woensdagmorgen, ik ben echt begonnen. Het is buiig, dus er zijn weinig mensen op straat. Ik zie veel dozen met oud papier en lege flessen en blikjes. Hier en daar, vooral bij de flats, slordig neergezet. Bij de laagbouwhuizen aan de Amerstraat en Zoomkade zijn de dozen keurig dichtgevouwen.
Op de Amerstraat valt me op dat er 2 laagbouwhuizen erg verwaarloosd zijn. Dichte gordijnen, gras manshoog. Meteen aansluitend 5 keurige huizen met mooie tuinen.

Ik zie in de portiekflats even verderop dat slechts hier en daar een naambordje is opgehangen. Bijna allemaal Nederlandse namen. Opvallend dat daar vaak nee/nee stickers bij hangen. Een enkele nee/ja. Groot deel van de bellen heeft geen naambordjes.DSC06095

Er zijn overal afvalbakken die bijna allemaal vol zitten. Worden ze slecht geleegd of gooien bewoners zo keurig hun afval in de bak of is er gewoon heel veel afval. Jaren geleden woonde ik in deze straat. Hier begonnen we als jong stel in een driekamerflatje. Vorige week had ik gezien dat er een grote tekst op het raam is geplakt. “De liefde vergaat nimmermeer”; dat intrigeert me enorm.
Ik schuil in mijn oude portiek, Deltalaan 220, en tuur naar het naambordje van nr. 220. Tobi, Saskia en Joas. De laatste naam is bijna doorgekrast.
Na enige aarzeling bel ik aan. Een stem over de balkonreling vraagt wat ik wil. Het is een pikzwarte jongeman. Ik zeg hem dat ik hier vroeger woonde en graag nog een keer wil kijken. Het mag, hij doet me wat aarzelend open. Het is een groezelige flat geworden; vuil en verwaarloosd. Hij slaapt in de kleine voorkamer. De grote woonkamer van weleer is in tweeën gesplitst. Er wonen nu 3 mensen zo blijkt. Het grote plakkaat met een Bijbeltekst “De liefde vergaat nimmermeer” brengt een gesprek op gang. Hij kwam 7 jaar geleden uit Angola. Heeft een Nederlandse vriendin en een kindje met haar. Hij denkt dat hij spoedig zal vertrekken uit deze flat. De Turkse eigenaar heeft misschien iets anders voor hem, of anders de woningcorporatie Rentree. Hij vindt het prima hier in de wijk, maar doet er weinig. Hij is 35 en heet Paf.

Ik kom tijdens mijn verdere tocht alleen haastige mensen tegen. De regen brengt weinig volk op straat. Ik besluit een keer de bus te nemen, want daarbij kun je misschien ook gemakkelijk in contact komen met iemand.

Bespiegelingen
Ik vraag me af hoe bewoners van de Amerstraat naast zo’n verwaarloosd huis zich voelen en verhouden met die troep zo direct naast zich. Wil ik onderzoeken.

Ik stel me voor dat nee/nee-stickermensen bewust levende mensen zijn. Jongelui? Studenten. Ze nemen in elk geval de moeite een naam aan te brengen. De rest is anoniem.

Paf vertelde me dat hij een Christen is en daarom die tekst had opgehangen. Hij vertelde over de 3 soorten liefde: die tussen man en vrouw, die tussen vrienden en de liefde van God. Die laatste is onbaatzuchtig (woord dat hij omschreef). Zijn Nederlands was best goed. Ik had ook de indruk dat hij werkte. Toen ik hem vroeg hoe de liefde van God zich uitte wees hij wat schuchter op een dikke jas die over de verwarming lag te drogen, Bleek van een verslaafde die op dat moment bij hem mocht slapen. Een voorbijganger, toevallige passant of iemand die opgepikt had? Zit hij in een Christelijke beweging die zich o.a. om verslaafden bekommerd. Is dit een nog niet in kaart gebrachte sociale groep in deze wijk, de christenen bedoel ik?
Wat gebeurt er eigenlijk met verslaafden in de Rivierenwijk. Is er een opvangprogramma?
En wat een wonderlijk toeval dat er op mijn oude fat die Bijbeltekst staat. “de liefde vergaat nimmermeer”, het was mijn trouwtekst.

Toevallige ideeën, initiatieven of activiteiten die je tegenkomt
Tijdens het gesprek met Bert van Rentree kwamen we al pratende op het idee dat je een tv-programma zou kunnen maken over wasjes. Dus de wijk ingaan en wasgesprekken houden, Op die manier kom je gemakkelijk bij mensen binnen en het kan aardige tv opleveren waar je mogelijk ook Turkse en andere allochtone inwoners mee bereikt. Aanleiding was dat het DTV Rivierenwijk-programma niet op de schotel zit en dus nauwelijks wordt bekeken door die bevolkingsgroep. Voorlopig doe ik mijn wasgesprekjes nog zonder camera. Zelfs in de regen hangen er n.l. wasjes, dus volgende keer gebruik ik die invalshoek.

Wat heeft je getroffen, wat is je opgevallen?
Dat ik behoorlijk nat ben geworden en dat het een heel anonieme wijk lijkt.

Belevenissen 7 oktober

Woensdagmiddag: Vanaf de Lidl, mijn vaste vertrekpunt, loop ik richting het spoor. Er is redelijk veel volk op straat. In de Haringvlietstraat zie ik een Turkse mevrouw bezig een was op te hangen. Ik vraag haar of ik er een foto van mag maken. Ze lacht wat verlegen en duikt weg. Een passerende oudere Turkse man lacht en als ik hem uitleg waarom ik de foto wil maken roept hij haar iets toe. Ik mag mijn foto maken, maar zij wil er niet op. Als ik door loop zie ik een andere Turkse vrouw over haar balkon op de begane grond hangen. rivierenwijk 5Zij heeft het tafereel gezien en zegt dat ik haar was best mag fotograferen. Alleen die hangt achter en zo beland ik op m’n sokken binnen 5 minuten, via een prachtige Turkse woonkamer, in de tuin op nr. 38. Nazmige woont er al 28 jaar met man, zoon (25 en verloofd) en dochter (21 op het ROC.). Ze hebben een jonge hond, wat heel ongebruikelijk is voor Turkse mensen, aldus de zoon.
Zij werkt bij Roto Smeets in de vijfploegendienst. Komt net uit de nachtdienst. Ik mag later een keer komen theedrinken. Aardige mensen, die best met me willen doorpraten over het leven in de wijk. Ze is heel tevreden met haar buurtje. Rondom Turkse families en vriendinnen. Ze weten niet zeker hoe het met hun flat verder gaat na de renovatie. Ze zijn wel op de voorlichtings- bijeenkomsten geweest en gaan er van uit dat de flat niet afgebroken wordt. Het huis zag er prima onderhouden uit met uitgebouwd balkon.
Ik kom op mijn tocht langs Wielingenstraat nr. 3 en maak een praatje met een oudere bewoner die zijn gras staat te knippen. Hij woont al 40 jaar in de wijk. Is trouw fan van en vrijwilliger bij Go Ahead. Hij vindt het fijn wonen, moppert wel wat over de troep die w.s. studenten verderop maken: “Gooien maar zo alles over de reling”. Hij belt daar niet over met de gemeente, distantieert zich duidelijk van de wijk. Zijn huis staat ook met de rug naar de Deltalaan, bijna in een soort hofje. Zijn buren gaan verhuizen omdat ze in Amersfoort gaan werken, overburen gaan naar Portugal, die hadden een schoonmaakbedrijf en dat is verkocht. De te koop borden duiden dus niet, zoals ik dacht, op vertrek omdat de wijk achteruit gaat. Hij vertelt wel over verhalen dat er zelfs mensen in fietsenkelders wonen in de wijk. Hij haalt zijn boodschappen al jaren in Colmschate en niet op het Deltalplein.
De derde ontmoeting is op de Maasstraat. Daar hangt een Turkse mevrouw driehoog over het balkon. Ik roep naar boven dat ik haar bloembakken mooi vind. Ze zegt: ”bedankt, maar ik ken u toch”. Blijkt ze een blauwe maandag bij me in Twello gewerkt te hebben als uitzendkracht. Ik mag boven komen. Aardige jonge vrouw (hoofddoek dragend), die maar moeizaam aan werk kan komen. Ze heeft 2 kinderen 5 en 8 jaar en woont er al een paar jaar tot volle tevredenheid. Alleen de Chinese buren boven en onder koken met van die sterke geuren, dat vindt ze akelig. Kinderen gaan niet naar de school aan de overkant omdat dat een zwarte school is. Ze geeft de voorkeur aan de Roessinkschool, die is gemengd. Ze vraagt of ik een keer terug kom op een avond als haar man er ook is. Dat beloof ik.

Bespiegelingen
Nazmige vertelt over haar werk bij Roto Smeets. Dat ze het zo leuk vindt in de kantine met de collega’s te eten. Ik denk dat dat voor haar een mogelijkheid is met Nederlanders in contact te komen. De gretigheid waarop ze me binnenhaalde was echt ontroerend. Ik moest alle foto’s van haar kleinkind in Turkije zien en die van de verloving van de zoon. Beloven dat ik terug zou komen. Ze liet me ook vol trots hun moestuintje zien. Ik weet inmiddels dat veel allochtone mensen graag hun eigen groente verbouwen. Is daar voldoende gelegenheid voor in de wijk? Zou mooi zijn dat te creëren dicht bij de woningen.

Belevenissen 14 oktober

Dinsdagmorgen: Bij de slooppanden op de Maasstraat staan twee mannen met elkaar te praten. Ze maken een inschatting hoe lang het nog gaat duren voor alles plat ligt. Als de een weg loopt maak ik een praatje met de ander(meneer A). Hij woont in de Scheldestraat, om de hoek dus. Daar woont hij al 50 jaar. Hij is in de wijk geboren, heeft een tijdje op Keizerslanden gewoond, maar is via ruil terug gekomen. Wil niet meer weg want vindt het heerlijk wonen hier. Hij heeft wel contact met de directe buren, maar bemoeit zich verder niet met de wijk zelf. Heeft geen functie in de speeltuin o.i.d. en neemt geen deel aan de gesprekken over de vernieuwing. “ach, dat gebeurt toch vooral aan de andere kant” zegt hij, en hij doelt daarmee op de magische grens van de Amstellaan die als een rivier de beide wijkdelen deelt. Als ik vraag of we wat kunnen doorpraten over zijn leven in de wijk schudt hij z’n hoofd. Geen interesse, “ik wil me nergens mee bemoeien”.rivierenwijk 4
Ik sta bij het stoplicht samen met een vrouw te wachten. Ik knoop een praatje aan. Zij woont toevallig ook in die Scheldestraat. Doet even een boodschapje op het Deltaplein. Haar ouders wonen in een bejaardenwoning verderop. Ze heeft een ernstig zieke man. Haar huis is aangepast met lift e.d. Ze vindt het fijn wonen in de straat. Veel contact, lekker voor het huis zitten als het mooi weer is. Alleen baalt ze ontzettend van een nieuwe buurvrouw die van Keizerslanden naast haar is komen wonen. Een asociaal type dat voor veel overlast zorgt. In het begin hadden we nog wel medelijden met haar, ze was zwanger enzo. Maar nu heeft ze al weer een ander kind van een andere Antiliaan en ze gedraagt zich asociaal. Ze heeft de politie er over gebeld. Nee, niet de woningbouw, dat heeft toch geen zin. Het grappige is dat inmiddels meneer A ons al lopend heeft ingehaald. Ze kennen elkaar, en we grappen wat over zijn jeugdige uiterlijk (hij is 70 jaar), maar ze onderschrijven nogmaals beiden dat ze in een fijne straat wonen waar men echt met elkaar meeleeft.

Donderdagmiddag: regenachtig, weinig volk op straat. Drie jonge zwanen worden verdreven door pa zwaan. Ze vluchten het schoolplein van de Deltaschool op. Een onderwijzer komt naar buiten om ze weg te jagen. Hij gaat snel weer naar binnen. Geen tijd voor een praatje.
Bij de Lidl spreek ik een jong meisje aan. Ze woont een maand in de Rivierenwijk, in de Dommelstraat. Ze komt uit Vietnam en studeert bij Saxion. Ze blijft 2 jaar. We maken een afspraak. Ik mag bij haar thuis komen om verder te praten. De regen gutst n.l. inmiddels uit de hemel. Ik constateer dat we niet in een goed jaargetijde zitten voor lange straatgesprekken.

Zaterdagmiddag: Ik fiets weer langs de sloop op de Maasstraat. Het vordert goed. Gekleurde slaapkamerwanden tonen zich schaamteloos aan de kijker. Ik maak foto’s, niemand bemoeit zich er mee. De zwanenfamilie zwemt eensgezind in de vijver. Ik ga op het Deltaplein op het bankje zitten en ervaar het plein. Het is druk bij de Lidl. Het zijn niet allemaal bewoners uit de wijk. Ik vraag het een paar mensen en wordt er in bevestigd; de Lidl is duidelijk een trekker.
Marokkaanse meisjes treffen elkaar op het bankje. Ze praten druk en vullen iets in. Op het balkon van de bovenste flat boven de rechtergroenteboer bevinden zich drie mannen. Ze drinken en bekijken het plein. Mij ook? Ik weet het niet, het voelt in de gatenhouderig. Ik blijf een kwartier zitten en al die tijd staren ze naar het plein.
Ik loop verder. In de Grevelingenstraat is een aardige jonge Turkse vrouw een hoog, haar was aan het ophangen. Ik vraag of ik hem mag fotograferen en dat mag. Weliswaar zonder haarzelf zegt ze giechelend en ze duikt naar binnen. Ik maak de foto en roep “klaar”. Ze komt weer naar buiten en ik maak een praatje. Ze woont een jaar in de wijk en vindt het er fijn. Spreekt redelijk Nederlands, kan me in elk geval verstaan. Haar zoontje heeft een dikke bos krullen. Leuk vrij ventje. Ze tilt hem op de arm en we zwaaien naar elkaar.
Als ik verder loop zie ik een man lopen. Een zestiger met een peuk. We maken een praatje. Hij heeft afgelopen mei een flat op Haringvlietstraat 22 gekocht. Komt van de Gerard ter Borghstraat, elders in de stad. “die huizen daar gaan over een jaar of vier weg, en dan komen er zeker duurdere huizen terug, dus we hebben hier maar een huis gekocht. Deze huizen zijn nog betaalbaar, dus zo ben ik hier terecht gekomen”. Hij komt van oorsprong uit Twente en woont pas sinds 2006 in Deventer toen hij met zijn huidige vrouw is getrouwd. Hij vindt de Rivierenwijk een goeie buurt, alleen zou het 30 km zone moeten worden, ze rijden veel te hard. En er zou meer voor jonge kinderen te doen moeten zijn. De speelplekken hier en daar vindt hij niks. Hij ziet daar de jongere buitenlandse kinderen die hier wonen ook weinig spelen. De speeltuin bij de Ark is toch meer voor de wijk daar en in het buurthuis is het meer voor oudere kinderen, denkt hij. Hij heeft zelf ook kinderen, maar die zitten in een internaat. Ze komen 1 x per maand op bezoek. Hij zou best mee willen helpen met jeugdwerk. Hij is 60 jaar en zit in de WAO. Hij heeft redelijke contacten in zijn portiek, vooral met jongere Turken die hier geboren zijn. Met de oudere krijg je geen contact en met de Polen op zijn portiek al helemaal niet. Elke vijf maanden komen er nieuwe Polen en ze spreken nooit Nederlands. Ik mag hem nog best een keer bezoeken om verder te praten.rivierenwijk 3

Bespiegelingen
Nu ik vaker in de wijk kom realiseer ik me steeds meer dat het echt twee wijken zijn en dat de bewoners het ook zo ervaren. Willen ze er straks één wijk van maken, dan zul je daar bewust activiteiten op moeten inzetten lijkt me. Die Amstellaan is echt een magische grens.
Ik voelde me bekeken op dat Deltaplein. Je kunt in de wijk niet echt ergens gewoon zitten, er is geen terrasje o.i.d. Aan de andere kant is het toch wel een plein van ontmoetingen, maar dan van de toevallige ontmoetingen omdat je elkaar bij de winkels tegen komt.
Ik hoorde deze week opnieuw dat mensen hun eigen directe leefomgeving als belangrijk en fijn ervaren. Dat op straat zitten en voor elkaar zorgen is een waardevol gegeven.
De wijk levert goedkope koopwoningen voor starters of mensen met weinig geld. Het is jammer dat dat door kamerbemiddelaars wordt verknalt. Dat is trouwens ook een frustratie in mijn eigen buurtje in Voorstad.

Belevenissen 21 oktober

Om 21.00 uur ’s avonds rijd ik door de wijk, op weg naar de familie Ozturk, flat driehoog, Maasstraat. Ik maakte een paar weken geleden kennis met Hilal en mocht terugkomen als haar man er ook zou zijn. Murat (35), haar echtgenoot, woont al sinds zijn 9e in Nederland, dus vanaf 1982 en in ditzelfde flatgebouw. Zijn ouders wonen er nog steeds, een portiek verder op en ook zijn zus is in hetzelfde gebouw blijven wonen. 11 jaar geleden zijn hij en Hilal aan elkaar uitgehuwelijkt. Ze kenden elkaar 10 dagen en trouwden. In het begin had ze veel heimwee. Er moest altijd iemand met haar mee omdat ze de taal niet sprak. Inmiddels spreekt ze goed Nederlands, heeft een administratieve opleiding gedaan, een rijbewijs en drie zwemdiploma’s gehaald. Ze is er duidelijk trots op. Ze zegt dat het voor Murat bijna niet bij te houden is en dat hij bang is dat ze hem de baas wordt. We lachen er om, maar ik denk aan zijn gezicht te zien dat er wel een kern van waarheid in zit.

Ze gaan om de twee jaar naar Turkije. Inmiddels hebben ze twee zoontjes (5 en 9 jaar). Hij werkt bij Byk Zera (chemie geloof ik) als onderhoudsmonteur. Heeft weinig contact met collega’s en heeft geen Nederlandse vrienden. Vroeger toen hij in de productie werkte was er wel meer contact. Aanvankelijk blijft hij wat onverschillig en stug naar de voetbal kijken, maar gaandeweg voelt hij zich steeds meer betrokken bij het gesprek. Hilal heeft problemen met het vinden van werk. Ze komt alleen via het uitzendbureau af en toe aan werk. Haar Nederlands is best redelijk en ze is heel leergierig, maar ze wijten het zelf ook aan het feit dat ze hoofddoek dragend is.
Over hun woonsituatie zijn ze redelijk tevreden. Vier jaar geleden was er veel overlast in hun portiek omdat woningen waren onderverdeeld en er veel Chinezen en Afrikanen woonden. Ze vinden het gek dat dezelfde flats in de Keizerslanden 15.000 meer waard zijn. Hun portiek is nu redelijk. Ze missen de families, mensen met kinderen. Boven woont een lesbisch stel. We komen vanzelf te praten over homoseksualiteit. Murat vindt het niks, een ziekte waar je niet aan toe moet geven. Het is eigenlijk mooi dat we er zomaar over kunnen praten zonder dat hij me er uit gooit als ik mijn voorzichtige visie er over uitspreek, of zonder dat het gesprek er door stokt. Het was gewoon een van de onderwerpen waar we over spraken.DSC06734
Ze zijn bang dat de nieuwe huizen veel duurder worden dan de rest en dat dan deze vier flatgebouwen er maar lelijk tegen afsteken en nog minder waard worden. Het zijn best fijne flats maar het is zo jammer dat er alleen maar allochtonen wonen en dan ook nog heel vaak alleenstaanden-huishoudens. Omdat er steeds minder families zijn krijg je nooit een goeie evenwichtige samenleving zegt Murat. Hij vertelt dat ze vroeger, toen hij nog kind was, in de wijk volleybalden en voetbalden, dat was hartstikke leuk. Hij heeft in het eerste van Turkse kracht gespeeld en is er nog bij betrokken. Op de kast staan bekers en een zilveren voetbal met “Murat bedankt” er op.
Ze sturen hun kinderen bewust naar een school op het Roessink. De Deltaschool is een helemaal zwarte school en ze willen juist mengen, vooral vanwege de taal; op de Deltaschool praten de kinderen onder elkaar vooral Turks. Hun zoontje heeft nu ook Nederlandse vriendjes op school. Ze komen niet in een buurthuis. De Ark al helemaal niet want dat wordt gedreven door kampers en het is ook te ver weg. Ze zijn niet echt op de hoogte van de activiteiten in de wijk. Hilal hoopt dat er straks centraal een mooie grote speeltuin komt, maar dan ook met een wc. Dat laatste herhaalt ze nog eens, want dat vindt ze een groot manco nu. Als kinderen buiten spelen moeten ze terug naar huis voor de wc.
Ik vraag of Hilal ’s avonds om deze tijd over straat gaat. Ja, dat is geen enkel probleem. Ze vindt het een veilige wijk. Ik heb het zelf ook niet als onveilig ervaren, ook niet toen ik om half 11 naar huis fietste. Wel wat groepjes hier en daar, maar er ging geen dreiging van uit.
We praten over de toekomst van de wijk. Ze hopen dat er vooral betaalbare huizen terug komen. Natuurlijk zouden ze ook zelf graag een huisje met een tuintje willen, maar dat is toch niet betaalbaar. Ze denken dat er van mensen buiten de wijk best belangstelling is voor de nieuwe huizen omdat de wijk zo centraal ligt t.o.v. de stad.
Eigenlijk hebben ze weinig vertrouwen in de goede bedoelingen van de Gemeente en Rentree. Die willen iedereen weg hebben en dan kunnen ze er dure huizen voor terug zetten. Ze horen al jaren dat er gesloopt en gebouwd gaat worden, maar het duurt allemaal zo lang. Er wordt veel beloofd maar er gebeurt weinig omdat het allemaal niks mag kosten. Ze zijn wel eens op een informatieavond geweest maar ze denken dat Rentree hun huis goedkoop wil op kopen en dat ze dan een duurder huis moeten weer kopen. Daarom zullen ze het niet zo gauw verkopen en dat geldt ook voor de buren. De mensen die ze spreken zijn best ongerust en ook boos. Wat gebeurt er nou. De sloop komt steeds dichter bij. Wat doen ze met onze flatgebouwen hier. Willen ze die ook hebben, of blijven we hier als een eilandje in die mooie nieuwe wijk staan? Ze hebben het gevoel dat de berichtgeving elkaar vaak tegenspreekt. Projecten worden gestart en houden weer op.
Ze vinden dat dit een mooie wijk moet worden met goede woningen en goede verlichting richting stad. Je hoeft hier verder niet zo veel te ontwikkelen. Mensen kunnen gemakkelijk naar de stad voor activiteiten. Misschien wel weer wat met sport zoals vroeger. Hilal zou wel graag willen dat er een Haman of een theehuis zou komen. Ik stel voor dat ze dat laatste dan zelf maar moet opzetten. Ze begint te lachen. Ze zou wel willen. Murat kijkt bedenkelijk en moet toch ook lachen. Het zijn aardige mensen en ik heb er heerlijk Turks fruit gegeten.
Een dag later fiets ik opnieuw ’s avonds de wijk in. Naar de Dommelstraat voor een ontmoeting met Yo Thi Minh Trinh, Vietnamees, 20 jaar en sinds een maand studente bij Saxion. Ze doet het preparatory year, en wil hier haar bachelor halen. Saxion maakte reclame in Vietnam, ze deed een test en kon komen. Er zijn zeker 50 Vietnamese studenten, ook veel Chinese en Afrikaanse. Ze heeft al wel wat contact met deze andere groepen en biedt aan me met hen in contact te brengen.
Ze vertelt dat het in haar land niet gebruikelijk is dat je oogcontact maakt met iemand die ouder is dan jij. Naar mij doet ze het wel, al moet ze er erg bij giechelen. Het is een leuke meid. Ze komt uit Ho Chi Min-city. Vond Nederland altijd al een interessant land. Heeft vroeger gelezen over Erasmus. Ze krijgen op Saxion alleen Engelse les. Helaas geen Nederlands, maar ze heeft iemand gevonden die haar Nederlands wil geven. Dat wil ze graag leren want ze denkt zeker 2 jaar te blijven.
Het huisje in de Dommelstraat ziet er keurig maar erg leeg uit. Er hangen gordijnen en er staat een bankstel en een eettafel met stoelen. Ze woont er met twee andere Vietnamese meisjes. Ze betalen 4000 euro per jaar elk, vooraf te voldoen. Dat is het normale tarief vertelt ze. Ze zijn via Saxion-woningbemiddeling hier terecht gekomen. Ze weet dat andere studenten veel minder geluk hebben. Er zijn veel vervuilde en kapotte flats en huizen waar studenten in gestopt worden. Ze heeft geen contact met haar Nederlandse buren. Er wonen wel veel studenten in deze huizen, waar ze wel contact mee heeft. Ze doet haar boodschappen op het Deltaplein.
In de kamer staan 2 fietsen. De hare heeft ze gekocht van iemand die er een aan de hand had. Ze heeft het toch maar gedaan hoewel ze wel haar twijfels heeft of het helemaal koosjer was. Aan het eind van het gesprek vraagt ze of er echt sneeuw zal komen. Ik beloof niks.DSC06638
Op theevisite bij Nazmije Kipnit (ik kan de naam die ze tijdens onze eerste ontmoeting een paar weken geleden, voor me opschreef, niet goed lezen) aan de Haringvlietstraat. Ze is duidelijk blij dat ik echt gekomen ben. Ik krijg een kus en sloffen en mag op de bank zitten. Haar man vertrekt, hij geeft me een hand maar vindt het duidelijk niet zijn bezoek.
Nazmije woont al 28 jaar in Nederland. Oudste dochter woont in Turkije met een kind, zoon woont nog thuis, werkt bij Roto Smeets, jongste dochter studeert Mens en Arbeid (2e jaar). Nazmije werkt ook bij Roto Smeets in de ploegendienst. Is thuis omdat ze problemen heeft met haar rug. Al snel gaat de bel. Een buurvrouw komt er gezellig bij zitten. Ook zij woont al 18 jaar in de Rivierenwijk, maar ze heeft ook in de Lange Zandstraat (koophuis), Keizerslanden, Landsherenplein (huurhuis) gewoond. Daar vond ze het heel fijn. Zij waren de enige Turkse familie daar toen en hadden goed contact met Nederlandse buren. Ze hebben deze flat gekocht van hun zoon, die na zijn scheiding de hypotheek niet meer kon betalen.
Beide vrouwen klagen over het feit dat de flats om hen heen zijn opgedeeld en worden bewoond door steeds wisselende groepen Polen, Afrikaners en studenten van diverse nationaliteit. Die maken veel lawaai en er wordt veel kapot gemaakt. Vooral over de Polen wordt geklaagd. Ze plassen zelfs gewoon voor de flat; de verontwaardiging is groot. Op gemeenteavonden wordt van alles beloofd, maar er verandert niks.
Nazmije voelt zich half Nederlands, half Turks, Ze zou niet meer in Turkije willen wonen. Gaat wel elk jaar naar de familie bij de Zwarte zee. Inmiddels komt dochter Jazmin thuis en terwijl ik thee drink en heerlijke zoete dingen eet, vertelt ze over zichzelf. Ze is duidelijk een moderne jonge vrouw (21), draagt geen hoofddoek (begint ze zelf over) en haar ouders laten haar daar vrij in. Ze zal ook niet, zoals haar ouders, worden uitgehuwelijkt. Ze vertelt over Frans, een buurtwerker(?) die vroeger veel activiteiten voor de jeugd organiseerde. Dat was een mooie tijd. Een speelveldje vlak bij het kanaal is zelfs naar hem genoemd. Daar gebeurt nu niks meer. Het speeltuintje voor hun huis wordt nog wel intensief gebruikt.
Een aantal jaren geleden maakten zij en haar moeder elke week een wandeling door de Douweler Kolk. Dat missen ze sinds de spoorwegovergang is gesloten en dat vinden ze echt jammer. Frans zit nu bij Domosco(?) en heeft er een tijdje geleden samen met BNN een debat georganiseerd. Wethouder Ina Adema was er bij. Jasmin heeft er ook haar woordje gedaan. Ze is bang dat straks als de wijk gedeeltelijk wordt vernieuwd, het stuk waar zij wonen dan helemaal een getto wordt. Eigenlijk is dat al zo en dat vindt ze echt slecht. Het zou beter zijn alles af te breken en nieuwe betaalbare woningen voor iedereen te maken. Als zij later trouwt wil ze hier echt niet wonen. Hier is altijd lawaai en mensen maken dingen kapot. Ze wil wel in de Keizerslanden wonen.
Ze heeft niet veel Nederlandse vrienden. Trok in 1ste schooljaar veel met een Turks meisje op en daardoor kreeg ze geen aansluiting. Dat vindt ze jammer, maar ze zegt dat ze ook eigenlijk van andere dingen houdt dat de Nederlandse meisjes. Ze hoeft niet naar de disco, maar gaat wel naar Douwe en Dekkers op de Brink. Ze zorgt net als haar moeder, in haar vrije tijd een beetje voor haar oma die in een seniorenwoning bij de Maasstraat woont en geen Nederlands spreekt. Ze gaat mee naar de dokter en helpt het huisje schoon houden. Ze komt niet bij de Pizzeria op het Deltaplein omdat daar alleen mannen komen en die drinken ook nog bier ook. Geen plek voor vrouwen dus. Ze speelt zaalvoetbal en Mustafa is een geweldig goeie trainer. Ze vertelt over Colours, een jongerenvereniging in de Venen. Colours wordt zo te horen zeer gewaardeerd. Ook haar jongere broer gaat er bijna dagelijks heen. Er zijn computers en er is tafelvoetbal.
Buurvrouw is inmiddels weer vertrokken maar een oude dame, zuster van oma, komt hijgend en puffend op de bank zitten. Ze spreekt geen Nederlands en heeft suikerziekte (niet dat daar enig verband tussen zit). Ze vertelt (tolkt kleindochter) dat ze elke maandag van 10 tot 3 naar de Venen gaat. Daar komt wekelijks een heel gezellige ouderengroep bij elkaar (ca. 15 personen). Ik begrijp dat er ook Nederlandse ouderen bij zitten. Ze eten samen en de Nederlanders willen zelfs Turks leren zodat ze ook met elkaar kunnen praten. Dat vindt ze wel grappig geloof ik. Ze wordt straks met een taxibusje opgehaald en vindt het duidelijk gezellig er bij te mogen zitten.
Het gesprek gaat verder over de nieuwbouwplannen t.o.v. hun eigen huizen. Dat zit ze echt hoog. Als Rentree ons een goed bot doet willen we best verkopen, maar ja we moeten wel iets nieuws weer kunnen kopen. Drie jaar geleden hebben ze in een wijkteam gezeten waar ze hebben gepraat over plannen wat er met de wijk moest gebeuren. Er zal misschien een Haman komen en een Turks vrouwencafé, dat zou fijn zijn. Ook tijdens dit gesprek klinkt door dat er veel beloofd wordt maar dat er weinig gebeurt en vooral dat het allemaal zo lang duurt, terwijl de overlast niet minder wordt.DSC07025

Ze hebben geen contact met het oude stuk van de Rivierenwijk. Voor de Venen worden we uitgenodigd en dan gaan we ook. Nazmije gaat wel elke maandag naar het ontbijt in de moskee. Daar komen tussen de 20 en 40 vrouwen die gezellig bijpraten, breien en praten over belangrijke onderwerpen. Ik mag best een keer komen als gast; de eerste keer hoef ik niks te betalen. Ze vertelt vol trots dat ze over drie weken naar Mecca gaan; dat is natuurlijk een geweldige gebeurtenis. Het kost 2650 euro, maar dan heb je ook de reis en 4 weken hotel en alle bustochten er bij in.
Ik krijg nog een paar vijgen en probeer het gesprek af te ronden. Dat kan nog niet. Jasmin vertelt dat haar moeder gedichten schrijft. Uit een la wordt een boekje getoverd. Het is gemaakt in 1997 en er staan gedichten en gedachten in van een groep Nederlandse en Turkse vrouwen. Ook een paar gedichten van Nazmije zijn er in opgenomen en ze zijn er duidelijk trots op. Ze heeft een hele map gedichten en schrijfsels en zoals ik het bekijk zijn ze ontroerend mooi.
Bij het weggaan vraagt Jasmin of ze mij een keer voor een schoolopdracht mag interviewen en wordt ik door de oude dame uitgenodigd vooral een keer te komen kijken op maandagochtend in de Venen. Beide ga ik doen.

Bespiegelingen
Het lijkt bijna een vicieuze cirkel. Ze willen best graag naar een ander huis, maar het is niet betaalbaar en haalbaar, dus blijven ze zitten. Rentree wil misschien best al die huizen opkopen, maar kan kennelijk geen voor hen betaalbare andere woningen terugbouwen. Ze hebben ook argwaan, omdat ze bang zijn dat als ze wel zouden verkopen, dat het dan allemaal niet goed uitpakt of toch veel duurder. Men is zich bewust van het feit dat deze wijk qua ligging heel ideaal is t.o.v. centrum en de rest van Deventer.
Realiseert iemand zich wat het betekent als je allemaal buitenlandse studenten in een echte volksbuurt poot. De meeste buren spreken geen Engels en contact komt zo tamelijk moeizaam of niet tot stand. Allemaal eilandjes deze wijk, allemaal eilandjes.
Ook hier hoorde ik weer dat men het niet fijn vindt alleen met allochtone mensen te wonen. Men wil best graag met Nederlanders om gaan lijkt het, maar daar is bijna geen kans op. Ik vond het prachtige gesprekken. Aardige gastvrije mensen die zomaar bereid zijn je te ontvangen en over hun zielenroerselen te vertellen. Ik hoorde een zekere verheerlijking van de Keizerslanden en het feit dat men niet alleen met allochtonen of landgenoten wil wonen.
Er is heimwee naar de activiteiten die er vroeger werden georganiseerd. Volleyballen en spelen buiten. Kan aan de leeftijd liggen, maar ik denk ook wel omdat het niet meer gebeurd.

Belevenissen 28 oktober

Dinsdagmiddag weer op pad. Ik spreek Saskia met haar hondje aan. Ze woont 1 jaar met haar man op de Douwelerwetering, hoekkoopflat. Ze zegt: “het is me zo meegevallen, die Rivierenwijk”. Voldoende reden om een afspraak te maken. Ik mag een keer na etenstijd komen. Het zijn jonge mensen, dus misschien interessant. Liefst volgende week zegt ze.

Daarna door naar de Amerstraat. Ook hier doet een hondje wonderen. Eigenaren willen altijd wel praten over hun viervoeter. De man (55 schat ik) woont sinds vier maanden op nr. 5. hij vindt het fijn wonen en heeft al contacten in de buurt. Op nr. 9 woont iemand die er al langer woont. Een goede kandidaat om eens mee te gaan praten, vindt hij, maar helaas is er niemand thuis. Wel vertelt nr. 5 nog dat er binnenkort een Halloween-party wordt georganiseerd op het grasveldje voor de huizen. Dat wordt georganiseerd door een Amerikaanse die in de straat erachter woont. Helaas, ook niet thuis.

Ik spreek in de Biesboschlaan een Turkse vrouw aan. Ze heet Hayrye en woont op nr. 29. Zij heeft 7 jaar in een flatje op de Deltalaan gewoon en woont nu al weer vijf jaar in de laagbouw. Ze moet eerst aan haar man vragen of ik een keer mag komen praten. Ik krijg geen telefoonnummer en geef het mijne dus maar. Ik heb wel haar adres en bel gewoon nog een keer aan.

In de Maasstraat loopt een prachtige jonge zwarte vrouw. Ze loopt met ferme passen als een koningin. Ik spreek haar aan. Ze komt uit Togo, heet Amida en spreekt goed Frans en redelijk Engels. Ze woont 8 maanden in een van de Maasstraatflats met haar dochtertje van 5. Is uit Italië gekomen en daar woont haar man nog. Ze heeft geen verblijfsvergunning en ik begrijp dat ze het moeilijk heeft. We lopen samen naar de Deltaschool waar ze haar dochtertje gaat ophalen. Daar stelt ze me voor aan vriendin Lucia, een Ethiopische die al vier jaar in de wijk woont. Ook zij wacht op een definitieve verblijfsvergunning. Ze heeft twee jaar in een asielzoekerscentrum gezeten. Zij vertelt dat ze geen Nederlands wil leren omdat ze niet zeker weet of ze mag blijven. Haar zoontje trekt aan haar arm en zegt in vloeiend Nederlands dat hij niet op de glijbaan mag. Amida zegt dat haar dochtertje Nederlands en Italiaans spreekt. We spreken af dat ik een keer op de thee kom en dat er dan nog een Afrikaanse vriendin wordt gevraagd.
Een dag later kom ik haar weer tegen. Ze is op weg naar het station. Gaat naar een feestje in Apeldoorn waar een andere een vrouw uit Togo haar gevraagd heeft te helpen.

Twee dagen later fiets ik nog een keer naar de Amerstraat. Ik bel aan bij nr. 9 en heb geluk. Vrouw doet open, na enige aarzeling (ze moet naar haar werk) mag ik binnen komen.rivierenwijk 1
Jacqueline heet ze. Zij, haar man en twee opgroeiende dochters zijn zeven jaar geleden terug gekomen in de wijk. Ze hebben het huis van zijn ouders gekocht na hun dood. Die ouders waren de eerste bewoners van het huis. Echtgenoot is dus opgegroeid in deze wijk en zij zelf groeide in de nabijgelegen Lekstraat op. Ze kennen elkaar van de lagere school. Hebben eerst samen gewoond in een flatje op de Grevelingenstraat, daarna 18 jaar in de Hof van Colmschate (achter Go Ahead). Ze waren heel blij dat ze dit huis konden kopen, anders was het nooit gelukt een huis te kunnen kopen. Ze is ook heel blij terug te zijn in de wijk. Het is zo meegevallen, er zijn zoveel slechte verhalen over de Rivierenwijk, maar dat is in ons stuk echt niet terecht. Ze voelt zich heel veilig in de wijk en ze hebben een geweldig contact met de buurt. Als er problemen zijn stappen we naar elkaar toe en praten het uit. We organiseren van alles voor de kinderen op het grasveldje voor de huizen. Nee, ze komen nooit in een buurthuis. Een aantal jaren geleden werden hun kinderen daar weggepest door Turkse kinderen. Er was zelfs sprake van messen. Daarom komen onze kinderen nooit in dat stuk. Nemen ook niet deel aan zomeractiviteiten, want we organiseren hier zelf van alles. De oudere kinderen nemen de jongeren mee. Nee er is helaas geen speelplek. Hebben ze op informatieavonden met Rentree wel om gevraagd, maar is niet gelukt. Nu spelen hun kinderen ook vaak in de achtertuinen. Veel mensen hebben schommels e.d. Sowieso leeft iedereen hier meer in zijn eigen achtertuin. Anders dan vroeger in de Lekstraat waar mensen meer voor huis op straat zaten. Ze vindt dat niks, vond dat vroeger ook al gek.

Ze wonen graag in deze wijk vanwege het groen en de ruimte. Op hun stuk komt daar het mooie vrije uitzicht nog bij. Wel veel onzekerheid wat er met het grasveldje gaat gebeuren. Er zou een woonwagenkampje komen, maar daar hebben ze zich met succes tegen kunnen verzetten, Als de bejaardenwoningen plat gaan, gaan ze er misschien wel huizen bouwen. Ze vreest met grote vreze voor hun mooie grasveldje.

We praten over Amerstraat 1 en 3. Dat zijn huizen die worden verhuurd. In nr. 1 wonen soms wel tien Polen. Veel afval achter het huis, telefonerend op straat en allemaal in het Pools waar je niks van verstaat. Als je iets van het afval zegt halen ze hun schouders op. “niet verstaan”. Daar ergert iedereen zich heel erg aan. Ze is heel bang dat de wijk door al die huisjesmelkerij gaat verpauperen. Ze is best blij met de vernieuwingen die er komen. Dan wordt de wijk alleen maar beter van en ze is daarom ook niet bang voor waardedaling; “Maar ze moeten niet vergeten ons stuk mee te nemen, b.v. bij het mooier maken van de wegen, straatlantaarns enz. Of laat ze b.v. nieuwe dakpannen geven. Willen we zelf best aan meebetalen, maar dat wij toch ook iets krijgen”.DSC06122
Verder hoopt ze dat de nieuwe wijk net zo ruim opgezet wordt als de huidige wijk. Dat is waarom dit zo’n aantrekkelijke wijk is.
Ook zij vertelt over de Halloween party op 31 oktober op het grasveldje. Het is georganiseerd door een familie in de huizen achter hen. Zij schijnt een Amerikaanse te zijn.
Ik mag nog best eens terug komen als ze meer tijd heeft.

Bespiegelingen
Ik begreep dat Amida me als een soort social worker voorstelde aan haar Ethiopische vriendin. Hoewel ik dat dus meteen ontzenuwde dacht ik wel dat je hoe dan ook verwachtingen wekt, ook al zeg je dat je alleen aan het onderzoeken bent.

Het is een fijne ruimte groene wijk met echt omzien naar elkaar zegt mevr. C.
Zij is bij terug te zijn in de wijk waarin ze geboren en getogen is.

Belevenissen 4 november

Wie heeft bedacht dit project in de winter uit te voeren? Het is een mistige in zichzelf gekeerde dag. Alles kleumt en er is weinig te beleven. Ik fiets door de Hunzestraat. Ergens staat op de ramen: welkom thuis fam. Hofman. Verderop ziet een huis er opvallend modern en gezellig uit (in mijn ogen dan). Er is niemand thuis, ik besluit een keer terug te komen. Ik zigzag door de straatjes en zie bijna niemand. Een pikzwarte man loopt door de Rijnstraat. Ik had hem al in mijn eigen straat en de Veentunnel gezien. Veel mensen nemen de Rozengaarderweg en de Veentunnel op weg naar de Rivierenwijk. Als ik hem aanspreek is hij wat op z’n hoede. Ik begrijp dat hij hier niet woont maar op weg is naar een vriend. Hij komt uit een voor bij onverstaanbaar land in West Afrika. Hij heeft haast.

Mijn koningin uit Togo van vorige week heeft deze week geen tijd voor me zegt ze als ik haar eerder in de middag bel voor een afspraak. Ik heb de indruk dat ze me afwimpelt. Misschien is het bedreigend, maar misschien ziet ze ook geen voordeel in een afspraak omdat ik geen sociaal werker ben. Ze zegt dat ze me zal bellen en ik besluit dat ik het aan haar over te laat en niet opnieuw contact zoek.

In de Scheldestraat staat een jonge Turkse vrouw haar stoep met zeepsop te schrobben. Ik spreek haar aan. Ze woont zes maanden in het huisje op nr. 22. Een Turkse man komt naar buiten en ze wijst naar hem. Vraag hem maar, hij weet meer. Hij heet Hidir Dogru, is 33 jaar oud en hij is in dit huis geboren. Hij heeft een ingewikkelde tatoe in zijn hals. Zijn ouders wonen zes maanden per jaar in Turkije en de andere zes maanden in ditzelfde huis. Een broer woont aan de overkant en een zus is pas naar de Vijfhoek vertrokken. Nee hij hoeft zelf niet zo nodig naar de Vijfhoek, zeker niet zonder zijn ouders. Daar voelt hij zich verantwoordelijk voor. Nee, hij zou ze nooit in een tehuis stoppen, wil zelf voor ze blijven zorgen.

Hij vindt het fijn wonen hier. Goede contacten met de buren. Het huis is wel goed, maar van buiten zou het best wat opgeknapt kunnen worden. Het zou ook wat ruimer mogen zijn, maar als er nieuwe huizen in de wijk komen hoeft hij daar niet heen. Dit huis is goed.DSC06738
Naast hem wonen nieuwe mensen, die zijn aardig. Hidir deed vroeger als kind wel mee aan het voetballen in de wijk. Nu is er niets waar hij aan mee zou willen doen. Hij doet in zijn vrije tijd aan sport en fitness. Als dat hier zou zijn zou hij misschien wel mee doen. Op mijn vraag wat hij nog meer zou wel willen noemt hij een sauna en een zwembad.

Hij heeft op de Venenschool gezeten, en vond dat een goede school. Zijn eventuele kinderen zou hij daar ook heen sturen. Een zwarte school is prima, dit is toch ook een zwarte wijk. Turkse mensen die hun kinderen niet naar een zwarte school willen sturen moeten thuis niet zoveel Turks praten of alleen naar Turkse zenders kijken. Zo leren die kinderen nooit Nederlands. Hij heeft duidelijk zelf nog geen kinderen. Ik heb de indruk dat de schrobbende vrouw pas een half jaar in zijn leven is.
Dit is altijd een gezellige buurt geweest. Vroeger was er misschien meer rotzooi. Nu nooit meer, dat komt omdat we allemaal ouder worden. Hij heeft een grappig schuin ondeugend lachje. Hoorde vroeger vast bij een cluppie boefjes. Ik vraag wat de jongeren van nu dan doen. Volgens hem voetballen ze veel op het veldje of ze zijn in de Venen.
Hij is monteur, en dat is een goed beroep.
Als ik weg fiets roep ik over mijn schouder dat ik een zwembad voor hem ga bestellen.

Aan het andere einde van de Scheldestraat staat een partytent. Permanent modelletje zo te zien.

Ik loop al een paar weken te denken dat ik een postbode wil aanschieten en in de Geulstraat spreek ik er op goed geluk een aan. Een vrouwelijke postbode van ca. 45 jaar schat ik. Bingo, ze bezorgt niet alleen post in deze wijk, ze woont er ook! In een flat op de Amerstraat. Daar woont ze al 18 jaar gehuurd (van een particulier). Het is lekker gemakkelijk dichtbij, want de post wordt in de Dommelstraat neergelegd, dus daar kan ze het zo oppikken. Ze heet Dinie Brand en doet dit werk een half jaar. Het is leuk werk, ze ziet veel. Ik vraag haar of ze veel bijzondere post heeft voor al die nationaliteiten in de wijk. Dat is inderdaad zo, maar ze kijkt natuurlijk vooral naar het adres. Ze bezorgt wel opvallend veel politie- en justitiebrieven. Niet alleen vanwege criminaliteit denkt ze, maar natuurlijk ook veel i.v.m. verblijfsvergunningen enzo. Ze zegt dat ze zeker vier keer per dag politie in de wijk ziet en dat vindt ze fijn. Pas was er bij de Lidl een man die amok maakte en er uitgezet werd. Toen heeft die de boel met ontlasting onder gesmeerd en dat vervolgens bij het winkelcentrum Boreel ook gedaan heeft ze gehoord. Dat zijn wel erge dingen, maar ze voelt zich toch altijd veilig hier.
In haar eigen portiek is het prima. Er woont een Turkse familie, verder Nederlanders. Ze zeggen elkaar gedag maar kennen elkaar verder niet of nauwelijks.
Ik vraag of ze iets weet van de Polen in de laagbouw aan de Amerstraat. Ja zeker, die maken veel ruzie onderling. Heeft ze ook wel eens de politie over gebeld. Als ze daar post moet bezorgen moet ze zich af en toe een weg door de troep en het afval banen.
Er wordt door de milieupolitie trouwens wel goed opgelet dat mensen de vuilnis niet te vroeg buiten zetten. Daar krijgen mensen echt bekeuringen voor. Ondanks dat is er nog wel veel troep. De wijk is hier en daar wel aan vernieuwing toe voegt ze er aan toe.
Ze woont graag in de wijk omdat het er groen en gezellig is. Ze heeft absoluut geen behoefte aan verhuizen. Verwacht niet dat de nieuwbouw van invloed is op haar eigen woonsituatie.
Wensen heeft ze niet veel. Jammer dat de visboer er niet meer is en de Turkse kraam die af en toe op het Deltaplein stond met allerlei spullen ziet ze helaas ook niet meer. Ik vraag of ze wel eens koffie drinkt op het Deltaplein. Ze weet van de Pizzeria, maar daar komt ze nooit. Ja een markt zou ze fijn vinden en als ik fitness en terrasjes in de aanbieding doe knikt ze enthousiast. O ja, en een Blokker zou ze ook wel willen.

Ik heb om 19.00 uur afgesproken met Saskia en haar echtgenoot. Vorige week had ik haar aangesproken toen ze haar hondje uit liet.DSCF1750
Ze hebben hun flatje op de Douwelerwetering goed opgeknapt, er brandt een gezellige nephaard. De Jack Russel gaat op m’n schoot zitten en voegt mij op die manier bij het gezin.
Ze hebben de flat een jaar geleden gekocht. Zij woonde met haar ouders op Tuindorp en later in Borgele. Haar vader komt van oorsprong uit de oude Rivierenwijk. Haar echtgenoot komt uit Kampen. Daar hebben ze even samen gewoond, maar zij wilde graag terug naar Deventer. Haar vader heeft haar gepusht eens in de Rivierenwijk te kijken toen Borgele boven de begroting bleek. Ze hebben eerst een flat op de Haringvlietstraat bekeken, maar dat zag er vreselijk uit en alleen maar allochtonen. Deze flat is netjes en het portiek en de buitenkant ook. Er woont beneden een Turkse familie en een flat lager op nr. 44 heeft een Turkse eigenaar zijn huis een half jaar geleden verhuurd aan twee Poolse echtparen. Hij woont nu zelf ergens in de laagbouw.
Ze zitten samen in het bestuur van de vereniging van eigenaren van deze flat. Een keer per jaar is er een gezamenlijke vergadering in Oase of in de Bron. Ameva organiseert dat. Als bestuur komen ze om de drie maanden bij elkaar. Ze hebben net besloten de standleiding te vervangen. Dat is echt nodig want hij is lek en er zit nog asbest in. Ze zijn voor deze belangrijke beslissing bij alle huizen in de flat langsgegaan om mensen op te roepen naar de vergadering te komen.

De flats hebben blokverwarming. Voor deze verwarming en het onderhoud van ramen en portieken betalen ze € 158,–. Ze hebben verder weinig contacten in de buurt, vrienden wonen elders in de stad en ze zijn druk met familie, werk en klussen. Mensen zijn hier gewoon erg op zichzelf. Ze zegt het opvallend te vinden dat mensen nooit op hun balkon zitten. Men zit wel op de bankjes bij het water, een enkele keer wordt er gevist.
We praten even over de halloweenparty. Daar zijn ze niet voor uitgenodigd, maar ze hebben het wel gezien. Een straatfeest zou best leuk zijn, dan leer je elkaar vanzelf kennen. ik vertel over culturele festivals die elders in grote steden worden georganiseerd. Dat lijkt ze gaaf.

Hij werkt in Wapenveld, zij studeert nog op de Pabo (laatste jaar). Ze weet niet of ze in deze wijk op een school les zou willen geven. Liever een gemengde school, want tijdens stages heeft ze ervaren dat je zo weinig contact met kinderen en ouders hebt vanwege het taalprobleem. Eigen kinderen zouden niet in de wijk naar school gaan maar naar een Daltonschool of zoiets. We praten over de vele talen in deze wijk. Zij zegt dat ze toch vooral Turks hoort, o ja en Pools natuurlijk. De Poolse stellen beneden lijken aardige mensen, maar ze hebben er geen contact mee.
Ze zien dit huis duidelijk als een tussenstap. Over vier jaar zijn ze toe aan een groter huis en misschien wel laagbouw. Hij zou best in de nieuwbouw in de wijk willen, zij wil het liefst terug naar haar ouders in Borgele of Steenbrugge.

Ze gaan niet naar informatieavonden over de nieuwbouw. Denken dat het niet voor ze is, want de sloop is elders, maar ze zien af en toe wel een krantje langskomen. Boodschappen doen ze bij de Lidl of op de Flora. Ze vinden het Deltaplein ongezellig. Het winkelcentrum Keizerslanden is veel gezelliger en gevarieerder. Je mist hier een goede drogist of een Blokker (daar is ie weer!). een verfje, bomen, terrasje, zitjes, het wordt allemaal genoemd ter verbetering. Er zijn nu veel te veel voedingswinkels.
Hij zegt dat er geen postkantoor en pinautomaat zijn in de wijk. (Ik hoor later dat er wel een pin is, maar dat de groenteboer hem min of meer heeft ingebouwd).

In Kampen woonden ze ook in een sloopwijk (zo noemen ze het), maar dat was lang zo ruim en groen niet opgezet als de Rivierenwijk. Het is eigenlijk prima wonen hier, alleen jammer dat sommige flats, zoals om de hoek op de Deltalaan er zo slecht onderhouden uitzien van buiten. Alleen al een mooi rondlopend balkonnetje zou zoveel beter staan.
Ergernis geeft de troep rondom de gezamenlijke vuilcontainer. Mensen uit de hele buurt gooien er zakken bij. Auto’s komen soms aanrijden en smijten het er bij. Ze noteren kentekens en geven dat door aan de milieupolitie. Circulus leegt hem wel maar ruimt de troep er om heen niet op. Er is al vaak met de gemeente over gesproken maar het helpt niet. Als de struiken die er voor staan weg zouden zijn zou het al een stuk beter zijn. Dan doen mensen het misschien minder snel.

Zij voelt zich niet onveilig maar gaat niet ’s avonds alleen over straat. Hem maakt het niet uit. Op de Maasstraat staan wel vaak groepjes allochtonen met elkaar te praten of ze zitten met elkaar in hun auto’s, dat is niet plezierig.
We constateren dat er ook niet echt plekken zijn zoals een kroeg of een theehuis waar mensen ’s avonds naar toe kunnen. Dat zou wel leuk zijn, maar zegt hij nadrukkelijk, dan moeten de eigenaren wel meer mengen. Nu voel ik me vaak een buitenlander in mijn eigen wijk, zeker op het Deltaplein. Alle winkels zijn in handen van Turkse middenstanders.
Ik gooi tot slot de markt er nog even in. Yes, dat zou hartstikke leuk zijn. Nu moeten we er voor naar de stad of naar Keizerslanden.

Ik ben nou toch in de buurt, dus ik kijk even of de Halloweenorganisatoren thuis zijn. Dat zijn ze, ik tref op Amerstraat 31 een leuke complete familie aan. Vader, moeder en vier kinderen. Jongste 4, oudste 15. Ze wonen gezamenlijk zes jaar in deze laagbouw (hij woonde er al eerder denk ik). Een heel rustig straatje (bijna een hofje), achter de Deltalaan. Hij woont al vanaf 1995 in de wijk. Is vanuit Apeldoorn op de Deltalaan komen wonen omdat het goedkoop was. In 2002 wilden ze het huis eigenlijk verkopen omdat er te veel allochtonen om hen heen woonden, maar er was opeens een omslag. Er kwamen meer gezinnen en leuke families wonen, zodat de kinderen ook meer speelkameraadjes kregen. Ze gaan vooral met Hollandse gezinnen om. De Turkse buren worden zeker wel uitgenodigd, b.v. voor de Halloween, maar ze komen niet. Het mengt gewoon niet. Die Halloween doen ze al zes jaar. Zij heeft jaren in Amerika gewoond en het is echt haar feest. Verder gebeurt er niet zo veel helaas, en ook nu hebben toch veel buren afgezegd. Er waren 30 personen, maar dat waren ook vrienden van buiten de wijk.

Een van de dochters zit in groep 7 op de Kleine Planeet. Het is een leuke school waar we elkaar helpen. Moeder zegt dat het een Jenaplanschool is. Ze is wel eens bij Dombosco geweest, maar die groep werd steeds kleiner. Ook zijn ze wel een bij de Ark geweest, maar daar werden ze weggepest. Nu komen ze nergens meer, blijven in hun eigen buurtje.DSC06114

De daarop volgende zus zit in eerste jaar op het Stormink. De oudste heeft haar computertijd, dus die is druk aan het computeren (elk kind krijgt een uur per dag PC-tijd). Toch kan ze nog wel even meepraten, over de jongeren b.v. dat die hier helemaal niks hebben. Ze ziet altijd veel jongeren rondom het omheinde voetbal- of basketbalveldje hangen, maar daar is vaak ruzie tussen twee groepen. Het is de enige plek eigenlijk, er zijn zo weinig speelplekken. Pa vult aan dat hij het gek vindt dat alle speeltoestellen wel weggehaald lijken te zijn. Hun jongste van 4 heeft geen enkele speeltuintje in de buurt.
Verder mist hij een Chinees en een goede super waar je iets lekkers kunt halen. Zelfs de cafetaria is in handen van een Turkse eigenaar. Op mijn vraag of die wel frikadellen heeft moet hij wel bevestigend antwoorden, maar hij gaat er toch nooit heen.

We praten even door over hoe je de mensen in de wijk met elkaar in contact kunt brengen. Zij doen elk jaar die Halloween, maar vinden dat anderen ook eens wat moeten doen. Hebben nog wel een plan om iets met Koninginnedag te organiseren.
Ze volgen de nieuwbouwplannen niet. Denken niet dat het van invloed is op hun woonsituatie. Ze hebben een grote hond, die dagelijks in park de Douwelerkolk wordt uitgelaten. Inderdaad, ze balen als een stekker dat de spoorovergang is afgesloten.Nu moet je helemaal omlopen. Hij zegt dat ie nooit meer mensen ziet in het park, terwijl er vroeger altijd mensen liepen.

Bespiegelingen
Ik geef toe dat ik af en toe suggestieve vragen stel. Maar het is zo leuk om met mensen te geinen over hun wensen. Als ik een markt in de aanbieding doe zie je toch echt dat mensen beginnen te glimmen.
Postbodes zijn goede informatiebronnen; ze zien veel en kunnen kleine veranderingen gemakkelijk waarnemen omdat ze elke dag in die wijk lopen. We zouden eens een postbodebijeenkomst kunnen beleggen.
Toen Hidir het zwembad noemde bedacht ik zelf niet dat de Scheg toch niet zo ver weg is, maar kennelijk is dat voor hem geen optie. Jammer, niet gevraagd.

Toevallige ideeën, initiatieven of activiteiten die je tegenkomt
Voetbalveldje is belangrijk voor de jonge Turken
Gek dat ik nou nooit gedacht zou hebben had dat een Turkse man van 33 jaar de sauna als een van zijn wensen noemt.
Ik heb nu al van verschillende mensen gehoord dat ze zo blij zijn als er weer gezinnen in de buurt komen wonen. Dat geeft vanzelf meer roering in de wijk.

Wat is het toppunt van integratie? Precies, er stopt een grote (Mercedes geloof ik) en een jonge Turkse vrouw wipt uit de auto met een grote plastic zak . Ze spoedt zich naar de vijver bij de Maasstraat, opent de zak en begint de eendjes te voeren. De zak is vol brood en ze strooit het zorgvuldig uit en gooit het met kennelijk plezier naar de meeuwen. De Mercedes staat op knipperen en wacht geduldig.

Belevenissen 10 november

Deze week trek ik op met mijn beide medeverkenners Lies en Jaël.

Zondag 9 november fietsen Lies en ik de wijk in. We begonnen bij de Vianeykerk in de hoop daar Polen aan te treffen maar het was er verlaten. We fietsen daarna maar in een keer door naar het Poolse winkeltje. Het is open en er staan een paar Poolse mannen met elkaar te praten. Ze spreken geen van allen Nederlands. De man achter de toonbank vraagt even te wachten. Hij verlaat de winkel en na een paar minuten komt hij terug met een man. Het blijkt een Bosniër die al 15 jaar in Nederland woont. Hij is op bezoek bij zijn Nederlandse vriendin die om de hoek woont. Hij spreekt geen Pools, maar kan ons wel wat vertellen en heeft een geheel eigen wijze van communiceren met zijn Poolse vrienden. Veel Polen werken in Epe bij Godschalk (Vleesindustrie) vertelt hij. De baas wil niet voor de Nederlandse lessen betalen en daarom leren de Polen geen Nederlands. De eigenaar van de winkel heeft een contract en werkt al 18 maanden hier. Ook anderen zijn er al geruime tijd, maar ze kunnen niet zelf hun lessen betalen.
Natuurlijk vertelt hij ook over de Bosniërs in Deventer. Er wonen er veel die vroeger bij elkaar kwamen in het centrum Buitenlanders. Dat centrum is nu gesloten door de gemeente en dat missen ze heel erg. Nu zien ze elkaar niet veel meer. Twee keer per jaar hebben ze een soort muziekfestival in de Ark. Daar komen zeker 150 mensen en dat is heel fijn, maar ze hebben geen geld om zoiets vaker te organiseren.
We krijgen de indruk dat het winkeltje een soort ontmoetingsplek is van de Polen. In de achterruimte zitten meer mensen te praten.
Je kunt hier typische Poolse producten kopen. Lies laat haar naam achter voor een vrouw die regelmatig in de winkel komt en die wel Engels spreekt.

We fietsen verder naar Amerstraat 44. daar wonen Twee Poolse echtparen heb ik tijdens een eerder bezoek ontdekt. Helaas, de mevrouw die open doet spreekt echt geen enkele andere taal en we vertrekken onverrichterzake.

In de Wielingenstraat spreken we een mevrouw (Molukse?) met een hondje aan. Zij komt uit de Keizerslanden en woont nu zeven jaar in de Wielingenstraat. Vindt het prima wonen hier. Dochtertje zit op de Zwalingenburgschool omdat ze haar niet op zwarte school wilde doen zegt ze enigszins verontschuldigend. Ze doet boodschappen op het Deltaplein. Daar mist ze de Unoxworst en dat soort producten. Als ze moest kiezen zou ze misschien toch wel terug gaan naar de Keizerslanden, daar is ze meer mee vertrouwd. Ze weet weinig over de nieuwbouwplannen, bemoeit ze zich nergens mee.

Lies fotografeert even verderop vier spelende kinderen op de schommel. Ik betrap me er op dat ik me realiseer dat het één blond kind en drie zwarte kinderen zijn en dat ik dat fijn vind.
Inmiddels totaal verkleumd zoeken we een plek om op te warmen. Het theehuis zit vol Turkse mannen, maar de cafetaria biedt warmte. Helaas geen koffie, dus maar chocomel met een kroket. Kunnen we mooi de Pinkstergermeente waar Jaël een dienst bijwoont, in de gaten houden. Die begint uit te gaan. Mensen spoeden zich snel naar huis, veel jonge mensen. Na een tijdje zien we Jaël er gelukkig uitkomen. Je weet maar nooit met zo’n instelling, voor het zelfde geld is ze helemaal bekeerd en geïndoctrineerd. Dat laatste valt mee hoewel ze zeer geanimeerd met ene Hans staat te kletsen. Hij vindt haar beslist leuk, maar het kan ook zijn dat hij een te winnen zieltje ziet. Ik heb een lichte allergie (als oud grevomeisje) voor dit soort mannen en helemaal als ie in z’n grote BMW wegscheurt. In mijn huis warmen we verder op en maken we een aanvalsplan voor komende tijd. We zijn wel een beetje uitverkend zo op de bonnenfooi. Het idee om stelselmatig een flat te pakken lijkt ons alle drie een goed idee. De camper van Lies kan eindelijk van stal want daar kunnen we opwarmen of eventueel gesprekken voeren.

Maandag belde Jazmin, de dochter van de fam. Ozturk om me een interview af te nemen voor haar opleiding (zie logboek 21 okt.). Ze zou vorige week bij me langskomen maar het was haar niet gelukt een parkeerplaats te vinden en was dus maar weer naar huis gereden. We deden het nu dus maar telefonisch. Het was een echt Saxionvragenlijstje met van standaardvragen. Ze bedankte me zeer omdat ik haar gevraagd had bij me thuis te komen, dat vond ze bijzonder.
Ik vroeg haar nog even naar de Meccareis van haar ouders en daar vertelde ze enthousiast over. Afgelopen zondag is er een groot feest in de Moskee geweest waar wel 300 mensen waren om afscheid te nemen van 42 mensen die naar Mecca gaan. Ze hebben getrakteerd op broodjes en Turkse karnemelk.
De hele week komen er nu mensen bij haar ouders thuis om persoonlijk afscheid te nemen en cadeautjes of geld te brengen. Het is echt een afscheid, want het kan zijn dat ze niet terugkomen.
Als ze terugkomen is er weer feest en dan komen de mensen opnieuw naar hun huis. Dan hebben haar ouders cadeautjes bij zich, b.v. ringetjes of bidkleedjes. Ze zijn dan Haci en dat is een grote eer. Drie dagen na het slachtfeest zijn ze terug en ik mag langs komen om ze te begroeten.DSC06082

Vrijdag, afspraak op het Deltalplein met Jaël en Lies om samen naar Joanna een Poolse kunstenares te gaan. We hebben haar tijdens een vorig bezoek leren kennen. Joanna is een frêle leuke vrouw die ons gastvrij ontvangt. Ze vertelt hoe ze via de fa. Otto in Nederland is terecht gekomen. Idiote ronselpraktijken waarbij ze eerst vanuit een kamp in Duitsland elke dag naar Apeldoorn werden vervoerd om daar te werken. Natuurlijk moesten ze de transportkosten zelf betalen en achteraf bleek dat Otto ook geld ving van de company waar ze voor werkten, dubbel vangen dus. Otto schijnt banden met de Poolse ambassade te hebben dus daarom leek het onverdacht.
Later kwam ze op een bungalowpark in Uddel terecht waar ze met zes personen in piepkleine vakantiehuisjes werden gepropt met stapelbedden en een minimum aan leefruimte. Het is ongelooflijk dat dit in Nederland kan bestaan.
Ik denk dat haar Egyptische vriend haar een uitweg uit deze ellende bood. Enfin, ze heeft er een geweldig lief kindje aan over gehouden nu hij vertrokken is.
Haar Engels is goed en ze is bereid met ons mee te gaan op bezoek bij andere Poolse families.

Bespiegelingen
Toch bijzonder dat zo’n jong Turks meisje dat hier geboren en getogen is niet de fiets pakt naar de Rozengaarderweg en bijzonder veel moeite heeft die weg überhaupt te vinden. Ik geef toe dat ik ook nooit meer in de Rivierenwijk ben geweest sinds ik vertrok, maar ik heb wel een kaart van Deventer waar ik alles op vinden. Is dit de leeftijd en heb je dan natuurlijk geen kaart of is dit iets cultureels?

Zo’n kerkgemeenschap midden in de wijk kan best een functie hebben. Ik lees in het verslag van Jaël dat er niet veel Rivierenwijkers in de kerk zaten, maar ik had wel de indruk dat er veel mensen te voet vertrokken.
Als ik zie wat de Vianeykerk in mijn eigen wijk voor functie heeft, is het eigenlijk best jammer dat de Rivierenwijk geen echte kerk heeft. Een mooi interkerkelijk/intercultureel centrum, kan dat op het verlanglijstje.

Belevenissen 24 november

24 november, half 4, samen met Lies e haar camper trek ik de Rivierenwijk in. We parkeren in de Deltalaan ter hoogte van de Volkerakstraat. De keuze heeft wat mij betreft vooral te maken met een portiek waarin altijd geweldige wassen hangen. Ik mag de rechterkant van het portiek doen, dan kom ik die wassen vanzelf tegen. Lies neemt de andere kant. Ze verdwijnt met een jonge man naar binnen. Ik ga er maar van uit dat het goed gaat.

Op mijn adres opent een jonge Turkse vrouw de deur. Ze ziet er geagiteerd uit. Ze is heel vriendelijk maar ook beslist dat ze echt geen tijd heeft. Ze is druk aan het koken voor het bezoek van vanavond. Ik stel toch gauw een paar vragen. Ze was 1 ½ toen ze hier kwam wonen, 30 jaar geleden. Haar ouders wonen nu in de seniorenwoningen vlak bij en ze vindt het fijn waar ze woont. Ik laat haar lekker koken en ga een flat hogerop om daar mijn geluk te beproeven. Helaas geen gehoor. Later hoor ik op nr. 29 dat de bewoners naar Mecca zijn, inderdaad samen met Nazim van de Haringvlietstraat.

Op nr. 29 heb ik dus meer geluk. Een Turkse vrouw wil me wel binnen laten. Als ik m’n jas op de enorm hoge kapstok probeer te krijgen roep ik uit dat ze vast een lange echtgenoot heeft. Lachend geeft ze dat toe. Ze is zelf beslist niet groter dan ik, dus het is een raadsel waarom iemand zoiets niet al lang veranderd heeft. ik begrijp niks van die Turkse vrouwen.
Ze loopt moeizaam en als ik er naar vraag blijkt ze enorm veel pijn in haar rug te hebben. Bovendien moet haar baarmoeder er binnenkort uit; binnen 5 minuten hebben we een ernstig gesprek over haar gezondheid. Ze werkt bij een computerbedrijf in Apeldoorn, maar ze zit dus in de ziektewet. Door deze verhalen ben ik vergeten haar naam op te schrijven.DSC06729
Ik vertel haar dat mij haar geweldige wassen altijd zo opvallen. Ze moet er om lachen en bevestigt dat ze echt elke dag zowel voor als achter was heeft hangen. Het is een bijzonder leuke vrouw en we hebben veel lol over haar waswoede. Ze is 40 jaar en woont al 34 jaar in Nederland. Altijd in de Haringvlietstraat gewoond, waar haar ouders en een zus nog wonen. Sinds ‘98 woont ze met man en 3 kinderen in de Volkerakstraat. Haar broer woont een portiek verder.
Vroeger hadden ze wel contact met de Nederlandse buren, nu nog maar weinig. De jongeman waar Lies mee verdwenen is, is een man alleen die er nog niet zo lang woont. Ze hebben geen contact met hem. Boven wonen vooral Chinese studenten die veel rotzooi maken en daar maakt ze zich erg boos over. Daar komt n.l. ongedierte van. Ze lopen met lekkende vuilniszakken over de trappen, die zij en haar Turkse buurvrouw dan weer met Glorix te lijf gaan, kortom, er is geen vriendelijk contact.

Haar dochter Ozlem van bijna 18 komt er bij zitten. Ze heeft ons horen praten over de wassen en ze zegt lachend dat haar vrienden ook zeggen dat hun balkon nooit zonder was is. Ik vertel ze over mijn wasjesfoto’s en laat ze mijn schriftje met wasjes zien. Dat vinden ze echt gek, maar wel grappig.
Ozlem heeft op de Deltaschool gezeten. Dat was oké, maar wel jammer dat er bijna alleen Turkse kinderen op zaten en ze zo dus niet genoeg Nederlands oefenen. Ik vraag waarom ze dan niet gewoon Nederlands praten maar dat gaat eigenlijk altijd vanzelf over in het Turks/Nederlands, zo’n eigen taaltje. Daarna ging ze naar het Stormink en nu zit ze op het ROC. Ze gaat van de Zorg over naar een economische richting want ze wil HBO-juridische dienstverlening gaan doen. Eigenlijk wil ze onderzoekswerk gaan doen voor de politie of zoiets, in elk geval iets spannends. Ze heeft een saai leven, dus als ze straks 18 is gaat ze helemaal los. Haar moeder schudt haar hoofd maar ze moet er ook wel om lachen. Die twee hebben het goed, dat zie je zo.
Vroeger ging Ozlem wel naar de Bron voor activiteiten en ze deed zaalvoetbal in de Deltaschool. Nu is ze te druk met haar stage en school en doet ze niks meer. Nee natuurlijk gaat ze niet naar het theehuis of de Pizzeria, dat is voor mannen. Ze heeft zowel Turkse als Nederlandse vrienden.

Haar moeder zegt dat de Rivierenwijk oké is maar de flat niet. Ze zou zo graag op deze zelfde plek een gewoon huis willen en dan met een tuin. Vooral vanwege de groente. Ozlem zegt dat Turkse families het liefst hun eigen groente verbouwen en dat ze echt balen van de flat vanwege altijd de geluiden en rotzooi van anderen. De Chinesen koken vreselijk vies, dat ruikt de hele flat en hun portiek ziet er inderdaad slecht uit. De Amerva zal wel de balkonhekken vernieuwen en dat is fijn, maar toch, dat huis met de tuin he.
Ze gaan een keer per jaar naar de vereniging van eigenaren. Ozlem heeft van een vriendin gehoord dat deze flats op den duur ook afgebroken worden, maar ze weten het officieel niet. Hebben nooit een uitnodiging voor een vergadering over wijkvernieuwing gehad, maar zijn er dus van overtuigd dat ze ooit gesloopt gaan worden. Ze doen boodschappen op het plein maar ook bij Dirk en de Aldi. Ze missen een Edah, die heeft meer producten en het zou geweldig zijn als er een markt was, een keer per maand is al mooi.

Beiden voelen zich veilig in de wijk maar Ozlem vindt de Afrikanen die op straat lopen soms eng. Vroeger woonden er veel meer Nederlanders in de wijk zegt moeder, waar je ook goed contact mee had. Nu wonen er veel minder families en met de Polen en de Chinesen heb je sowieso geen contact. De eerste drinken vaak te veel. Op haar werk waren ze soms ’s morgens vroeg al dronken.
Beiden zeggen dat ze aan geen enkele activiteit in de wijk deelnemen. Naar hun zeggen is er echt helemaal niks voor Turkse vrouwen. Vanuit de Moskee wordt er af en toe wel een reisje georganiseerd, waar haar moeder mee ging. Die vertelt nog dat ze 10 jaar geleden haar rijbewijs heeft gehaald maar dat ze nooit meer rijdt omdat ze bang is. Ik heb een beetje met haar te doen. Met al die lichamelijke klachten zit ze dus behoorlijk aan huis gekluisterd. Haar Nederlands is beslist niet goed. Die lange man zal er wel debet aan zijn. Toch was het een bijzonder gezellig en vrolijk bezoek.

Ik klim omhoog en bereik op nr, 33 de Chinese afdeling van deze portiek. Een mooie jonge Chinese staat me in uitstekend Engels te woord. Ja hoor, ik mag binnen komen. Ze heet Shen Ruan en ze woont hier vier maanden. Ze woont in een in vieren gedeelde flat. Ze heeft de grootste kamer, maar ik begrijp dat ze allemaal ongeveer € 400,– per maand per kamer betalen. Dat is lekker cashen lijkt me. Ze blijft vier jaar en doet de IBMS-studie, dat is een businessstudie. In elk geval wil ze over vier jaar in China Officemanager worden. Nederland was door haar Chinese leraar aanbevolen, de opleiding staat daar goed bekend.
Ze klaagt heel erg over de Amerva. Die doet niets aan het kapotte raam en aan al het vuil. Ze belt er eindeloos over. Ze heeft ruzie met de Turkse bewoners, Die schelden op hen omdat ze denken dat zij al het vuil maken, maar dat is niet zo. Toen ze deze flat via Saxion kregen liepen er overal muizen en was het heel erg vuil. Dat hebben ze allemaal schoon gemaakt. Ik moet toegeven dat de flat er van binnen goed onderhouden uitziet. Bij haar buren stond een ongelooflijk vieze oude koelkast buiten, maar bij haar ziet het er goed uit.
Shen leeft in deze kamer en op school. Soms gaat ze winkelen in de stad met Chinese vrienden, maar met de wijk of met Nederlanders heeft ze geen enkel contact. De Rivierenwijk is oké want het is ruim, groen en er is weinig verkeer en lawaai, dus prima. Alleen jammer van die Turkse buren. Ze proberen volgend jaar zelf een huis te huren, dat is vast goedkoper. Ik weet het wel zeker.

Ik vind Lies in de camper, die heeft al een heleboel avonturen beleeft. We vinden het een goed bestede middag en besluiten deze werkwijze nog eens te herhalen.

’s Avonds om 19.00 uur heb ik een afspraak met Joanna om op Polenjacht te gaan.
Vooroordeel: zou ze wel klaar zijn? Ja hoor, ze staat klaar en ze heeft zelfs een fiets met licht! Ik heb op de weg naar haar flat gezien dat in de Poolse winkel licht brandt en dus gaan we daar eerst heen. We treffen er twee Poolse vrouwen en twee jongens van ca. 10 jaar. Joanna doet het uitstekend, Ze zegt dat we een soort sociologisch onderzoek doen in de wijk en dat we graag iets willen weten over de Poolse mensen die in de winkel komen en in de wijk wonen. Helaas, de winkelmevrouw woont niet in deze wijk en houdt de boot behoorlijk af. Ze werkt net als man overdag bij Godschalk en daar is ze best tevreden over. De jongens gaan naar een Nederlandse school en hebben contact met andere kinderen. Ze spreken w.s. wel een beetje Nederlands, maar als ik ze aanspreek worden ze verlegen of een beetje naar binnen gekeerd zoals de vrouwen. Contact met school gaat met behulp van een Poolse buurvrouw die ook Engels spreekt.
Ze wil hier zeker blijven wonen en Nederlands gaat ze ook leren. Godschalk heeft iemand die op de fabriek aan de Polen behalve het omgaan met messen, ook Nederlands leert. Een cursus van een half jaar waar hij Europees geld voor krijgt?! Zij begint in januari.

Er komen 2 Poolse mannen binnen. De DSC06096ene herken ik, die was er ook toen Lies en ik er een vorige keer waren. Hij is de echtgenoot van de winkelmevrouw. Hij is vriendelijk en zegt zelfs iets half Nederlands. De andere man is een grappenmaker die meteen met Joanna in gesprek gaat. Ik vraag via Joanna wat ze vinden van het slechte imago van de Polen.
De grappenmaker is een van de vrijgezelle mannen waar zo over geklaagd wordt. Ze moeten allemaal lachen en ik begrijp dat hij zegt dat het vooral de Russen zijn die zo drinken en dat hij daar ook behoorlijk wat last van heeft. Hij woont op een flatje achter de Lidle. Hij laat ons een foto van zijn 15 jarige dochter zien. Hij woont sinds 2 maanden in Deventer en werkt via een uitzendbureau bij hoe kan het ook anders, bij Godschalk.
Ik doe nog een voorzichtige vraag naar het ruimte achter het blauwe gordijn, maar er is geen sprake van een cafe volgens de winkelmevrouw hoewel de twee mannen er achter verdwenen zijn en ik er ook de vorige keer al iemand achter zag verdwijnen.
Feesten vieren ze niet zegt Joanna, ze werken alleen maar. Kerst is wel een belangrijk feest voor Poolse mensen maar dat vieren ze zoveel mogelijk thuis in Polen. Ze hebben geen contact met een kerk hier in Deventer. De grappenmaker komt weer terug in de winkel en praat nog een poosje met ons. Volgens mij vindt hij Joanna wel leuk. Als we weer buiten staan geeft ze toe dat men zich een beetje terughoudend en argwanend opstelde. “Dat is normaal voor Polen hoor”, zegt ze, “men is altijd een beetje op hun hoede, misschien gebeuren er ook wel wat illegale zaken zoals dar cafe waar ze vast geen vergunning voor hebben”. In elk geval ben ik niet echt veel te weten gekomen helaas.

We fietsen door naar de Douwelerwetering 44. Daar ben ik al een keertje alleen geweest bij 2 Poolse stellen die geen andere taal dan hun moerstaal spreken. Joanna gaat voorop. Ze zegt dat ze dit een leuke afwisseling vindt tussen de hele dag pampers verschonen door.
De deur gaat open en helaas, er wordt verhuist op nr. 44. Er zijn wel 6 mensen aan het inpakken en sjouwen. Nee, natuurlijk hebben ze nu geen tijd, maar na enig aandringen geven ze ons hun telefoonnummer. We mogen over 14 dagen op een zaterdag of zondag op hun nieuwe adres komen. Dat is ergens achter het station, maar ze kunnen werkelijk niet op de naam van de straat komen. Helaas het is niet anders, we laten het er bij.

Bespiegelingen
Joanna is een echte vondst. Een leuke vrouw die volgens mij goed ligt bij de Poolse mensen. We hadden een leuk uur samen.

Belevenissen 26 november

Woensdag, half 4, ik fiets nog even de wijk in. Vind dat ik m’n quotum van deze week nog niet gehaald heb. Ik kom langs Hunzestraat 1. Dat huis was me al eerder opgevallen, je kijkt er gezellig in, ik verwacht er een jong stel. Er brandt licht dus ik bel aan. Een man 49 jaar (blijkt later) doet open. Na enige aarzeling wil hij me wel binnen laten. Het lijkt alsof hij aan het verhuizen is, maar nee, hij woont er al 25 jaar. Alleen, (dat wel), ik tref een echte vrijgezelle mannenhuishouding aan. Hij heet Rob en hij is kabelwaterskibanenmaker. Daar is er maar een van in Nederland. Hij legt die dingen aan door heel Europa en hij is ZZP-er. Ik heb dus een uniek exemplaar te pakken. Hij is soms maanden van huis en voelt zich dus helemaal geen Rivierenwijker. Wel is hij ontevreden over een aantal zaken, b.v. dat er parkeervergunningen zijn gekomen die afgelopen jaar opeens 400%!! zijn verhoogd terwijl dat absoluut anders was beloofd.

Hij heeft ook onvrede over de verkeersdrempel voor zijn huis. Opeens heeft hij twee grote scheuren in zijn huis, vrachtwagens en bussen knallen er echt over heen. Hij vraagt mij of ik weet of de Oude Bathmenseweg straks wordt afgesloten. Hij weet nauwelijks iets van de nieuwbouwplannen. Ik adviseer hem toch een keer op het infocentrum te gaan praten. Ook over de weg kunnen ze vast wel iets zeggen. Zijn ouders wonen in Deventer, maar hij is toevallig in de Rivierenwijk terecht gekomen. 25 jaar geleden moest hij een keer het huis uit en hij zocht een plek waar je voor het minste geld het meeste huis kon krijgen. Dat was hier dus. Hij zou wel wat anders willen, het liefst een grote woonboot waar hij zijn werkplaats onder in kan bouwen. Nu heeft hij zijn werkplaats in Twello en dat is niet handig. Sowieso heeft hij een droom, n.l. zijn eigen grote catamaran (heet dat zo?) bouwen, dus hij wil ergens aan water, b.v. een haven gaan wonen.
Hij heeft zich nooit veel met de buurt bemoeit. Heeft gewoon goed contact met z’n Turkse achterburen en Nederlandse directe buren; verderop wonen Chinesen. Vroeger heeft hij een paar keer een inbraak gehad. Bleek van buren verderop te zijn. De laatste jaren is het rustiger. Men zit ook niet meer zoveel buiten als vroeger waarschijnlijk omdat de kinderen groter zijn. Hij wil zijn huis wel wat verbouwen, grotere garage en toilet vernieuwen, maar hij baalt van de vergunningen-rimram van de gemeente. De gemeente is sowieso de gebeten hond vanwege de parkeervergunningen. Boodschappen doet hij bij AH en een enkele keer bij de Little. Gewoon een aardige man die zijn eigen leven leidt.rivierenwijk 2

Bij het stoplicht sta ik even later naast mw. Cheng. Ze is een Chinese en dat zijn haar twee kindjes duidelijk ook. We praten kort met elkaar. Ze woont al 11 jaar in Deventer. Nu op Dommelstraat 35. Daar mag ze tot maart 2009 wonen met een urgentieverklaring. Dan hoopt ze dat ze iets anders krijgt, omdat het huis wordt afgebroken. Ze heeft nauwelijks contact met haar Turkse buren, wel met de Chinese daar en elders in de wijk. Ze zou best meer willen, maar het is moeilijk. Ze doet vrijwilligerswerk op de Venenschool waar haar kinderen ook op ziten. We fietsen gauw verder want het is koud.

Ik wil een bezoek brengen aan de oude familie op de Wielingenstraat, maar die zijn niet thuis. Ik kom langs de Oase en duik daar nog even de Grevelingenstraat in. Die seniorenwoningen heb ik al eens eerder bekeken, vooral die helemaal aan eind; die ziet er n.l. bijzonder uit. Ik trek de stoute schoenen aan en bel met de fietsbel die aan het ijzeren hek is bevestigd. Er staat een schootmobiel buiten en de bewoner komt dan ook langzaam naar buiten. Het is een nog jeugdig uitziende oudere man, hij nodigt me vriendelijk binnen, nog voor ik iets gezegd heb. Zit ik daar dus binnen een uur in een tweede vrijgezellen- mannenhuishouding!
Ik ben beland bij Martin de Groot, de oude buurtconciërge, ik herken hem nu van de Deventer tv. Natuurlijk mag ik hem vragen stellen, kom ik namens Rentree? Nou daar heeft ie gewerkt dus. Martin vertelt dat hij door buurtwerkster Wilma is gevraagd buurtconciërge te worden. Dat was slim bekeken van haar, want daarvoor was ik een opstandige buurtbewoner die nogal eens met z’n vuist op tafel sloeg. Toen werden we min of meer collega’s he, dan doe je dat niet meer.
Hij woont al vanaf 1974 in Deventer. Eerst op Deltalaan 150, nu dus sinds 1998 in deze seniorenwoninkjes zoals hij ze noemt. Voor alle zekerheid haalt hij een grote meetlat tevoorschijn. Daar heeft hij een aantal mijlpalen in zijn leven op geschreven, wanneer hij waar werkte b.v. Vroeger in het vormingswerk lieten we mensen ook zo’n meetlat maken en dan moesten ze daar natuurlijk verhalen bij vertellen. Ik weet zeker dat Marin dat met graagte zou doen.
“Dit is een fijne wijk”, zegt hij, “alleen die plannen van Rentree, dat vind ik niks. Willen ze over een jaar of vijf deze woninkjes afbreken en er 40 voor terug zetten en zo doen ze dat overal. Deze wijk is juist zo fijn omdat het zo ruim opgezet is. Het is goed dat ze die oude flats en huizen afbreken, maar laat ze er niet van die dicht op elkaar staande hoogbouw voor terugzetten. Ze maken hier een soort Manhattan. Straks als je uit de stad komt zie je allemaal hoge gebouwen en daarom moet dat nieuwe buurtcentrum straks ook hoog boven alles uittorenen. Ze hebben nu bij het Hoornwerk hoogbouw, verderop staan links van die hoge kantoren en dus moet rechts, waar wij wonen, ook hoogbouw komen. We worden een beetje tussen de Snipperling en het spoor geplet”.
Hij is er een beetje treurig over maar sinds zijn ongeluk, vijf jaar geleden, doet hij niet meer mee. Het kan me niks meer schelen. Over vijf jaar ben ik 70, dan zie ik wel weer verder hoor. Hij is jaren actief geweest in het buurtcomité. Hij ziet en van de leden nog wel eens en weet dat er zeker nog vijf in dit stuk van de wijk actief zijn, maar die ziet hij nit meer. Hij kan zo niet op de namen komen, maar hij weet ook dat veel mensen het niks meer interesseert wat er gebeurt. Dat is jammer, maar eigen schuld van de gemeente. 15 jaar geleden was deze wijk verloederd en toen zijn al die flats goedkoop opgekocht door vooral Turken. Die stoppen er nu veel onderhuurders in en dan krijg je het zoals het nu is.
Ik vertel hem van de moestuinwens van mijn Turkse wasvrouw eerder deze week. Vindt hij onzin, je hoeft geen moestuin bij de huizen te maken, laat ze maar naar de moestuinen van de Westfalenstraat gaan. Net als op de Worp, daar zijn de moestuinen toch ook allemaal aan een kant op de Hoven. Ik vraag wat hij goede wijken vindt, Knutteldorp? Ja daar hebben ze echt naar de bewoners geluisterd. Betere huizen teruggebouwd en laagbouw. Hij vindt het niet erg als ze 2 of 3 hoog gaan bouwen hier, maar niet van die torens.

We praten nog even over het imago van de wijk. Martin is heel stellig. Dat zal nooit anders worden. De Rivierenwijk, dat is geen goede wijk, terwijl het op Keizerslanden veel erger is. M.n. dat stuk waar de Zuid Molukkers wonen. Rentree kan er zo veel geld in steken als ze willen, maar het zal nooit anders worden, terwijl hij het met me eens is dat hijzelf en de meeste mensen hier met plezier wonen. Maar goed, daar moeten we dus maar gewoon mee leren leven is het laatste wat hij zegt.

Nou dat was een bijzonder bezoekje. Aardige, maar helaas verbitterde man. Later zie ik hem rijden in zijn scootmobiel. Ik geloof niet dat hij me herkende.

Belevenissen 4 december

Vandaag samen met Lies de wijk in. Haar camper is weer uitvalsbasis. Ik heb geen geluk. Ik tref op de Douwelerwetering 61 een jonge Nederlandse vrouw in ochtendjas. Achter haar staan twee kinderen. Ze stond onder de douche, zo blijkt en nee, het komt nu helemaal niet uit. Een verdieping hoger op nr. 73 doet na geruime tijd een man open. Hij is in z’n onderbroek en STOND OOK ONDER DE DOUCHE. Wat is er aan de hand in deze portiek dat men zich hier om 4 uur s’ middags massaal doucht. Rest van de portiek doet niet open, zal ook wel onder de douche staan. Volgende portiek evenmin succes. Ik ben inmiddels helemaal koud en het sneeuwt als een gek. Ik kruip terug in de camper van Lies. Heb geen zin meer.

Donderdagmorgen, 5 december, nieuwe poging. Het miezert. Had ik al eens gezegd dat dit jaargetijde niet zo handig is voor dit werk en 5 december w.s. al helemaal niet.
Op Deltalaan 160 staat een man twee grote witte zwanen te voeren vanuit zijn beneden flat. Ik aarzel, maar stap toch af. De aarzeling komt voort uit zijn uiterlijk. Hij heeft overal waar het kan (en zichtbaar is), een ring, dus alle vingers en beide oren zijn voorzien van edelmetaal. Hij heeft een volkomen kale schedel en de flat oogt leeg.
Maar ik mag binnen komen en belandt zodoende in het huis van Ron. Hij woont er nu tijdelijk alleen, maar de flat kan in principe nog drie huurders bergen. De verhuurder heet Sam Maarsen, een makelaar uit Arnhem en dat is een door en door goede huurbaas zo begrijp ik van Ron. Sam wil niet langer onderverhuren en hij gaat de flat dus verkopen. Ron mag er zo lang in wonen als hij wil want hij heeft een contract voor onbepaalde tijd. Hij kan rustig uitkijken naar wat anders en kan zelfs verhuiskostenvergoeding meekrijgen. Nu de andere bewoners zijn vertrokken past hij op de flat en ontvangt eventuele aspirant huurders mochten die er nog komen. “Sam vertrouwt me volkomen, ook dat ik altijd de huur keurig op tijd betaal”, aldus Ron. Hij zou de hele flat wel willen hebben want hij woont er met plezier. Heeft zijn kamer netjes opgeknapt en kan het er dus nog wel even volhouden.

Hij woont 10 jaar in de Rivierenwijk, eerst op de Maasstraat en nu 2,5 jaar op de Deltalaan. Hij komt uit Enschede, heeft in Hengelo en in Utrecht gewoond. Naar die laatste stad wil hij graag terug. Deventer is toch wel een beetje saai, hij wil liever in een grotere stad wonen. Hij heeft altijd in een volksbuurt gewoond. Hij vindt het oude stuk Rivierenwijk meer een volksbuurt dan het stuk waar hij nu woont, dit is meer een elitestuk zegt hij.

Dit eerste stuk van het gesprek voeren we in de keuken. Ron is bezig zijn wekelijks witte was bestaande uit zo’n 10 paar witte sokken, op te rollen. Hij heeft alleen witte sokken en allemaal dezelfde, dat is lekker gemakkelijk.
Daarna betreden we zijn kamertje. Er staat een groot bed, een tafeltje en een bureau waar een computer en een discolicht staat te flikkeren. Ook de tv staat aan. Het kamertje is propvol. Aan de muur een prominent portret van een jonge man. Ik vul onmiddellijk in dat hier wel een echte homo zal wonen, maar nee, dat is niet het geval. Het portret is van ene Dito, een onfortuinlijke FC Utrecht voetballer die 3 jaar geleden is gestorven. Ron is een echte fan van FC Utrecht.

Ron werkt bij Kringloopbedrijf Het Goed voor vier maanden. Zijn contract is geregeld via detacheringbureau EKD en het loopt binnenkort af. Hij gaat zich dus maar melden bij het CWI. Hij zou dit werk graag blijven doen. Hij is vooral heftruckchauffeur, lekker grof werk, dat vindt hij het leukst. Ik vraag of hij de Cambio kent, maar hij kent het slechts van naam. Denkt niet dat het wat voor hem is. Hij heeft sowieso geen contacten in de wijk. Doet wel de boodschappen bij de Little. Op de trap wonen Turken waar hij af en toe mee spreekt en boven hem wonen drie jongens waarvan een een echte smeerkees. Die proberen ze er uit te krijgen via de verhuurder, een Turk die op de Zwolseweg woont.
Ik vraag hoe hij zijn vrije tijd besteed en hij zegt dat je dat kunt raden als je goed rondkijkt. Ik zie veel prachtige gekleurde kunstbloemen, veel foto’s o.a. van zijn vader (denk ik), rekken vol CD’s en die prominente pc met die lichten. Ik geef het op, is ook niet te raden zo blijkt, want ik zit hier bij een echte internet radio disjockey, te bereiken via www.promootje.nl. Ik wist niet dat het bestond. Mensen kunnen via deze site muziek aanvragen. 24 uur per dag verzorgen dc’s, als Ron, de muziek. Hij onder de naam DC Dito, naar zijn gestorven held.
Het is echt een geweldig gezicht als hij demonstreert hoe het gaat. Ik bekijk de site en zie zijn foto. Andre Hazes staat nog steeds aan de top met het nummer: “dat ene moment”. Ron is bezig 350 kerstnummers te downloaden voor de kerstdagen. Ze organiseren ook feesten, hij laat me met enige trots zijn zwarte blouse zien waar met rood en goud DC Dito en www.promootje op zijn geplakt. Die kleren hangen overigens is zo’n grote kledingzak aan het voeteneind van zijn bed. Het is werkelijk toch heel apart dat ik echt (per ongeluk hoor) al weer bij een vrijgezelle man ben beland en ook nog met een hele speciale hobby.
Als ik naar buiten stap kom ik nog even terug op de zwanen. “O die voer ik elke dag. Ze staan gewoon voor het balkon te wachten, ze horen er een beetje bij he”.DSC06176
Aardige man die het zo te zien goed naar z’n zin heeft.

Ik stap op de fiets en een Turks meisje loopt langs op weg naar de bushalte. Ze straalt en zegt zomaar zonder dat ik iets doe: “ik ga naar de stad”. Ik zeg, “maar waarom niet op de fiets”. “Nee hoor” zegt ze, “dat vind ik niks”. Ze is prachtig opgemaakt en ziet er schitterend gekleed uit. Tja, zo’n verwaaide Turkse, dat kan natuurlijk ook niet. Het is me al eerder opgevallen dat Turkse meisjes boven een bepaalde leeftijd niet meer fietsen.

Ik doe nog even een poging of de oude familie op de Wielingenstraat 3 thuis is. Mevrouw doet open, maar laat me niet binnen. Duidelijk onzeker en misschien geïnstrueerd geen vreemde mensen binnen te laten. Ik zeg dat ik nog wel een keer terug kom als haar man thuis is.

Bespiegelingen
Wat wonen er toch bijzondere en aardige mensen in de Rivierenwijk.
Jammer dat zo’n man als Ron de Cambio niet kent of het project Sterrenvinders, of liever, dat ze hem niet kennen. Zo’n detacheringsbureau zou daar toch iets mee kunnen lijkt me.

Onze laatste opdracht was het maken van een “Liefdesverklaring”,
Die we op de eindpresentatie van het project moesten voorlezen.

Oude liefde roest niet
In 1971 streek ik als kersverse bruid van 21 neer in een flatje aan de Deltalaan. Wij waren als nieuwe Deventenaren, hartstikke blij met dat flatje. We verkenden de wijk en zijn omgeving, deden boodschappen op het Deltaplein, belden in de telefooncel naar ouders en familie en samen met veel jonge collega’s die op andere flats in de buurt woonden hadden we het er prima naar onze zin. Drie jaar later vertrokken we voor het grote avontuur van een eerste eigen huis. De Rivierenwijk heb ik daarna nog maar weinig gezien.
Op 1 oktober j.l. fiets ik voor het eerst als verkenner de Rivierenwijk in. Het is zo’n miezerige koude herfstdag. Ik rij bijna automatisch naar mijn oude portiek aan de Deltalaan. Op het raam is een Bijbeltekst geplakt met grote letters. “De liefde vergaat nimmermeer”, laat dat nou toch mijn oude trouwtekst zijn, echt waar!
Er is geen naambordje, na enige aarzeling bel ik aan. Een stem over de balkonreling vraagt wat ik wil. Het is een pikzwarte jongeman. Ik zeg hem dat ik hier vroeger woonde en graag nog een keer wil kijken. Het mag maar hij doet me toch wat aarzelend open. Het is een groezelige verwaarloosde flat geworden. Hij slaapt in de kleine voorkamer. De grote woonkamer van weleer is in tweeën gesplitst. Er wonen nu meerdere mensen zo blijkt. De zwarte jongeman is 7 jaar geleden uit Angola gekomen. Heeft een Nederlandse vriendin en een kindje met haar. Hij denkt dat hij spoedig zal vertrekken uit deze flat. De Turkse eigenaar heeft misschien iets anders voor hem, of anders Rentree. Hij vindt het prima hier in de wijk, maar hij doet er niets, behalve wonen natuurlijk.

Tijdens veel van mijn volgende verkenningstochten had ik dat koude en natte weer, dus ik ben er beslist hard van geworden. Van binnen is er echter ook iets veranderd. Ik moet toegeven dat ik wel wat vooroordelen had voor ik aan deze klus begon, vooral gebaseerd op kranten- en tv-berichten. Die vooroordelen waren na de eerste twee tochten al grotendeels verdwenen. Ik had n.l. in die natte wintermaanden veel van die mooie, ontroerende, gastvrije en bijzondere ontmoetingen zoals met de bewoner van mijn oude flat. Vooral het gemak en de toegankelijkheid waarmee men op me reageerde, hebben me verbaasd. Bijna overal werd ik uitgenodigd binnen te komen en op straat had ik aardige gesprekjes met mensen die best bereid waren te vertellen hoe ze woonden en hoe hun dagelijkse leven er uit zag. Heel vaak waren ze trots op hun wijk, blij met de ruime groene straten en fijn dat het zo dicht bij het centrum is. Ik sprak veel mensen die er al lang wonen of die er weer terug waren komen wonen; die wijk bleef kennelijk trekken.

Toch hoorde ik ook veel teleurstelling over dat het allemaal zo lang duurde, met name de mensen van de flats zagen de sloopperikelen elders als bedreigend. Ze wisten niet waar ze aan toe waren, er was al vaak veel beloofd. Men sprak ook over de angst dat er straks alleen maar dure huizen terug zouden komen of dat de blijvende flatgebouwen als eilandjes tussen die prachtig nieuwbouw zouden overblijven. Maar er was ook hoop en verwachting. Stel dat er huizen met een tuintje terugkomen en stel dat we die zouden kunnen betalen.
Velen hadden geen band met een buurthuis, werkgroepen of activiteiten. Men leefde het eigen leventje in eigen kring/nationaliteit.
Medio december maakte ik mijn laatste tocht en had op de valreep nog een mooie laatste toeDSC06076vallige ontmoeting met een man die als DC Dito op internet voor diskjockey speelt. Hij woont in een verkavelde flat op een piepklein kamertje volgepropt met bed, bank, tafel, een groot bureau en honderden cd’s. Nee met de buurt had hij eigenlijk geen contact. Hij werkte bij Het Goed en zijn contract liep binnenkort af. Hij hoopte maar dat hij wat anders zou kunnen vinden, want het beviel hem best hier. Met Gambio of buurtactiviteiten had hij nooit iets gedaan.

Er wonen bijzondere mensen in de Rivierenwijk en dat meen ik uit de grond van mijn hart. Ik vond het leerzame en boeiende verkenningstochten. Voor geïnteresseerden in DC Dito, kijk op www.promootje.nl. Kost niks en je kunt er alles aanvragen wat je wilt.

Wil Kroon